Inhoud
In het kort
Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik bevat de werkzame stof azathioprine. Het behoort tot een groep van geneesmiddelen die immunosuppressiva worden genoemd. Deze geneesmiddelen verminderen de activiteit van uw immuunsysteem (het afweersysteem van het lichaam).
- Werkzame stof(fen)
- Azathioprine
- Vergunninghouder
- Lipomed GmbH
- Afgiftemodus
- Verstrekking door een (openbare) apotheek
- ATC-code
- L04AX01
Deze samenvatting vervangt de bijsluiter of medisch advies niet.
Advertentie
Patiëntenbijsluiter
Waarvoor wordt Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik gebruikt?
Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik bevat de werkzame stof azathioprine. Het behoort tot een groep van geneesmiddelen die immunosuppressiva worden genoemd.
Deze geneesmiddelen verminderen de activiteit van uw immuunsysteem (het afweersysteem van het lichaam).
Dit middel wordt gebruikt:
- om te voorkomen dat uw lichaam een getransplanteerd orgaan afstoot. Dit middel wordt doorgaans gebruikt in combinatie met andere immunosuppressiva voor dit doeleinde;
-
voor de behandeling van enkele langdurige ziekten waarbij het immuunsysteem zich tegen uw lichaam keert. Dit middel wordt doorgaans gebruikt in combinatie met steroïden of andere ontstekingsremmende geneesmiddelen. Deze ziekten zijn onder meer:
- ernstige reumatoïde artritis of chronische polyartritis (langdurige chronische ontsteking van meerdere gewrichten) die niet met andere geneesmiddelen onder controle kan worden gehouden;
- matig ernstige tot ernstige vormen van chronische inflammatoire darmziekten (darmziekten zoals de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa);
- chronische hepatitis (auto-immuunhepatitis), een leverziekte;
- systemische lupus erythematodes (een ziekte waarbij het immuunsysteem verschillende organen aanvalt);
- dermatomyositis (verergerende spierontsteking in combinatie met huiduitslag);
- polyarteriitis nodosa (ontsteking van de bloedvaten);
- pemphigus vulgaris en bulleus pemfigoïd (ziekten waarbij blaren op de huid ontstaan);
- de ziekte van Behçet (terugkerende ontsteking, vooral van de ogen en de orale en genitale slijmvliezen);
- refractaire auto-immune hemolytische anemie (een bloedziekte waarbij de rode bloedcellen worden vernietigd);
- chronische refractaire idiopathische trombocytopenische purpura (onderhuidse bloedingen veroorzaakt door beschadiging van de bloedplaatjes en daling van het aantal bloedplaatjes)
- gegeneraliseerde myasthenia gravis (een ziekte die zenuwen aantast en spierzwakte veroorzaakt)
- ‘relapsing’ multipele sclerose
Advertentie
Wat moet u weten voordat u Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik gebruikt?
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?
- U bent allergisch voor azathioprine, een ander geneesmiddel genaamd mercaptopurine of voor een van de andere stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.
- U geeft borstvoeding.
- U bent onlangs gevaccineerd met een levend vaccin, zoals tuberculose (BCG), waterpokken, bof, mazelen en rodehond (BMR) of gele koorts.
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?
Neem contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige voordat u dit middel inneemt:
- als u een ernstige infectie heeft;
- als u een ernstige leverziekte heeft;
- als u een ziekte van het beenmerg of de alvleesklier heeft;
- als u een aandoening heeft die wordt aangeduid als het syndroom van Lesch-Nyhan (erfelijke deficiëntie van het enzym hypoxanthineguaninefosforibosyltransferase);
- als u een aandoening heeft waarbij uw lichaam te weinig van het enzym thiopurinemethyltransferase (TPMT) of nudixhydrolase 15 (NUDT15) aanmaakt;
- als u geneesmiddelen zoals mesalazine, olsalazine of sulfasalazine gebruikt (voor de behandeling van inflammatoire darmziekte);
- als u geneesmiddelen gebruikt die van invloed zijn op de beenmergfunctie (voor de aanmaak van bloedcellen), zoals penicillamine en cytotoxische geneesmiddelen.
Vertel het uw arts als u een van de volgende verschijnselen opmerkt: gele verkleuring van de huid en het oogwit (geelzucht), snel blauwe plekken krijgen, buikklachten, verminderde eetlust, vermoeidheid, misselijkheid of overgeven. In sommige gevallen nemen de verschijnselen af na stopzetting van de behandeling met Jayempi.
Als u tijdens de behandeling onverklaarbare blauwe plekken of bloedingen krijgt of als u tekenen van infectie heeft, dient u onmiddellijk contact op te nemen met uw arts.
Infecties
De behandeling met dit middel verhoogt het risico op infecties en de infecties kunnen ernstiger worden (zie ook rubriek 4).
Omdat waterpokken (veroorzaakt door het varicellazostervirus, VZV) ernstig kunnen zijn wanneer u dit middel gebruikt, moet u ieder contact met personen die lijden aan waterpokken (varicella) of gordelroos (herpes zoster) vermijden.
Neem contact op met uw arts als u in contact komt met personen die waterpokken of gordelroos hebben.
Uw arts zal bepalen of u een antivirale behandeling nodig heeft en of u de behandeling met dit middel moet staken.
Bloedonderzoeken
Tijdens de eerste 8 weken van de behandeling moet het bloedbeeld ten minste eenmaal per week worden gecontroleerd. Mogelijk moet uw bloed vaker worden gecontroleerd als u:
- hoge doses van dit middel gebruikt
- ouder bent
- een nier- of leveraandoening heeft
Hoewel veranderingen in het bloedbeeld meestal aan het begin van de behandeling optreden, kunnen ze ook later tijdens de behandeling optreden. Daarom wordt aangeraden het aantal bloedcellen regelmatig te controleren, zelfs voor patiënten die stabiel blijven tijdens langdurige behandeling.
Na 8 weken moet uw bloedbeeld eenmaal per maand of ten minste elke 3 maanden worden gecontroleerd.
TPMT- en NUDT15-genvarianten
Als u erfelijke varianten van het TPMT- en/of het NUDT15-gen (deze genen zijn betrokken bij de afbraak van azathioprine in het lichaam) heeft, loopt u een hoger risico op infecties en haaruitval en kan uw arts u een lagere dosis voorschrijven.
Mogelijk zal uw arts u ook vragen om een test te ondergaan om te controleren hoe goed uw lichaam dit geneesmiddel zal kunnen afbreken. Afhankelijk van de resultaten kan uw arts uw dosis aanpassen.
Vitamine B3-tekort (pellagra)
Overleg onmiddellijk met uw arts als u diarree, plaatselijke uitslag met pigment en problemen met uw geheugen en redenerings- en denkvermogen heeft. Deze verschijnselen kunnen komen door een vitamine B3-tekort (tekort aan nicotinezuur/pellagra).
Leverschade
De behandeling met Jayempi kan van invloed zijn op de lever. Uw arts zal uw leverfunctie daarom regelmatig controleren. Vertel het uw arts als u symptomen van leverschade opmerkt (zie rubriek 4 “Mogelijke bijwerkingen”).
Door het gebruik van dit middel loopt u mogelijk een groter risico op:
- het ontwikkelen van een ernstige aandoening die macrofaagactivatiesyndroom wordt genoemd (overmatige activatie van witte bloedcellen gepaard gaand met ontsteking), die gewoonlijk optreedt bij mensen die bepaalde soorten artritis hebben;
- het ontwikkelen van tumoren, met name als u hoge doses of langdurig immunosuppressieve therapie krijgt;
- het ontwikkelen van vormen van kanker zoals huidkanker veroorzaakt door blootstelling aan de zon. Daarom dient u onnodige blootstelling aan zonlicht en uv-licht te vermijden, beschermende kleding te dragen en een zonnebrandmiddel te gebruiken (minimale zonbeschermingsfactor (SPF) 30);
- lymfoproliferatieve aandoeningen (waarbij het lichaam op ongecontroleerde wijze witte bloedcellen genaamd lymfocyten aanmaakt). Bij behandelingen die verschillende immunosuppressiva bevatten (waaronder thiopurinen zoals azathioprine), kan de aandoening leiden tot overlijden;
- virale infecties van het lymfestelsel (met Epstein-Barr-virus geassocieerde lymfoproliferatieve aandoeningen), met name als tegelijkertijd meerdere immunosuppressiva worden toegediend.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?
Neemt u naast Jayempi nog andere geneesmiddelen in, heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u binnenkort andere geneesmiddelen gaat innemen? Vertel dat dan uw arts of apotheker. De reden hiervoor is dat dit middel de werking van bepaalde geneesmiddelen kan beïnvloeden. Ook kunnen sommige andere geneesmiddelen de werking van dit middel beïnvloeden:
- ribavirine, gebruikt voor de behandeling van virale infecties;
-
allopurinol, oxipurinol of thiopurinol of andere xanthineoxidaseremmers zoals febuxostat
(voornamelijk gebruikt voor de behandeling van jicht); - mesalazine, olsalazine en sulfasalazine (behandelingen voor chronische inflammatoire darmziekte zoals de ziekte van Crohn);
- anticoagulantia (bloedverdunners) zoals warfarine;
- ACE-remmers (zoals enalapril, lisinopril, perindopril en ramipril, behandelingen voor hoge bloeddruk of hartfalen);
- trimethoprim met sulfamethoxazol (antibioticum);
- cimetidine (behandeling voor zweren in het spijsverteringskanaal);
- indometacine (behandeling van reumatoïde artritis);
- penicillamine (vooral gebruikt bij de behandeling van reumatoïde artritis);
- cytotoxische geneesmiddelen (voor de behandeling van tumoren, zoals methotrexaat);
- vaccinatie met levende vaccins tijdens de behandeling met dit middel kan schadelijk zijn en moet worden vermeden;
- atracurium of suxamethoniumchloride, gebruikt als spierverslappers tijdens een operatie;
- infliximab (gebruikt voor de behandeling van ontstekingsaandoeningen zoals reumatoïde artritis, colitis ulcerosa, ziekte van Crohn en psoriasis).
Vertel het uw arts vóór een operatie dat u azathioprine gebruikt, omdat spierverslappers die tijdens anesthesie worden gebruikt, een wisselwerking met azathioprine kunnen hebben.
Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.
Vrouwen die dit middel gebruiken of de vrouwelijke partners van mannen die dit middel gebruiken mogen tijdens de behandeling en gedurende 6 maanden daarna niet zwanger worden. Zowel mannen als vrouwen die dit middel gebruiken, moeten tijdens de behandeling en gedurende 6 maanden daarna effectieve anticonceptie gebruiken. Intra-uteriene middelen (spiraaltjes) zijn niet geschikt voor anticonceptie bij vrouwen die dit middel gebruiken (of bij vrouwen van wie de mannelijke partners dit middel gebruiken).
Wilt u zwanger worden? Neem dan contact op met uw arts.
Als u zwanger bent, mag u dit middel alleen innemen als uw arts zegt dat u dit moet doen. Als u zwanger bent of vermoedt dat u zwanger bent, moet u onmiddellijk uw arts daarvan op de hoogte stellen.
Overleg onmiddellijk met uw arts als u tijdens uw zwangerschap last krijgt van erge jeuk zonder uitslag. U kunt ook misselijk zijn en minder eetlust hebben. Deze verschijnselen kunnen worden veroorzaakt door zwangerschapscholestase. Dit is een aandoening aan de lever die tijdens de zwangerschap kan optreden. Deze aandoening kan schadelijk zijn voor uw ongeboren kind.
Bij pasgeboren baby’s van moeders die tijdens de zwangerschap azathioprine toegediend kregen, kunnen veranderingen in het bloedbeeld optreden. Regelmatige controle van het bloedbeeld tijdens de zwangerschap wordt aanbevolen.
Geef geen borstvoeding tijdens de behandeling met dit middel. De reden hiervoor is dat kleine hoeveelheden van het middel kunnen worden uitgescheiden in de moedermelk.
Rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Bestuur geen voertuigen en bedien geen machines als u bijwerkingen krijgt of als u last heeft van duizeligheid terwijl u dit geneesmiddel inneemt.
Jayempi bevat natriumbenzoaat (E211)
Dit middel bevat 1,5 mg natriumbenzoaat (E211) in elke ml. Natriumbenzoaat kan geelzucht (gele verkleuring van de huid en ogen) bij pasgeborenen (jonger dan 4 weken) verergeren.
Jayempi bevat natrium
Dit middel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per dosis, wat wil zeggen dat het in wezen ‘natriumvrij’ is.
Hoe wordt Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik gebruikt?
Neem dit geneesmiddel altijd in precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Dosering
De dosis van dit middel hangt af van uw gewicht, de te behandelen aandoening, hoe goed de aandoening onder controle wordt gehouden en uw algehele gezondheid. Uw arts zal berekenen welke dosis geschikt voor u is en kan deze tijdens de behandeling aanpassen. Uw arts zal u vertellen hoe lang u het geneesmiddel moet innemen.
Voor het voorkomen van orgaanafstoting na transplantatie is de gebruikelijke aanvangsdosis 5 mg per kg lichaamsgewicht per dag, waarna de dosis na enkele weken of maanden wordt verlaagd naar 1 tot 4 mg per kg lichaamsgewicht per dag.
De dosis voor andere aandoeningen ligt doorgaans tussen 1 en 3 mg per kg lichaamsgewicht per dag.
Nier-/leverziekte
Uw dosis kan worden verlaagd als u een nier- of leverziekte heeft.
Gebruik bij kinderen
De dosis voor kinderen en jongeren tot 18 jaar is gelijk aan die voor volwassenen.
De veiligheid en werkzaamheid van azathioprine bij kinderen zijn nog niet vastgesteld voor de behandeling van chronische gewrichtsontsteking (juveniele idiopathische artritis) en multipele sclerose. Het gebruik van dit middel voor deze aandoeningen bij kinderen wordt daarom niet aanbevolen.
Gebruik bij oudere patiënten
Een lagere dosis kan noodzakelijk zijn.
Waarop moet u letten met eten en drinken?
Dit middel moet ten minste 1 uur vóór of 2 uur na een maaltijd of melk worden ingenomen. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Drink na elke dosis wat water. Dit helpt ervoor te zorgen dat de volledige dosis van het geneesmiddel in uw spijsverteringsstelsel terechtkomt.
Hantering
De verpakking bevat een fles met geneesmiddel van 200 ml, een dop, een flesadapter en twee doseerspuiten (een spuit van 3 ml en een spuit van 10 ml). Gebruik altijd de meegeleverde spuiten om uw geneesmiddel in te nemen.
-
De kleine orale spuit van 3 ml heeft een schaalverdeling per 0,1 ml lopend van 0,5 ml tot 3 ml. Deze spuit wordt gebruikt voor het afmeten van doses tot 30 mg in stappen van 1 mg (0,1 ml). Bijvoorbeeld:
- als de voorgeschreven dosis 14 mg is, gebruikt u de spuit van 3 ml om een volume van 1,4 ml op te zuigen;
- als de voorgeschreven dosis 26 mg is, gebruikt u de spuit van 3 ml om een volume van 2,6 ml op te zuigen.
-
De grote orale spuit van 10 ml heeft een schaalverdeling per 0,25 ml lopend van 1 ml tot 10 ml. Deze spuit wordt gebruikt voor het afmeten van doses tot 30 mg in stappen van 2,5 mg
(0,25 ml). Bijvoorbeeld:- als de voorgeschreven dosis 32 mg is, gebruikt u de spuit van 10 ml om een volume van 3,25 ml op te zuigen;
- als de voorgeschreven dosis 54 mg is, gebruikt u de spuit van 10 ml om een volume van 5,5 ml op te zuigen;
- als de voorgeschreven dosis 140 mg is, gebruikt u de spuit van 10 ml om eerst een dosis van 10,0 ml en daarna een dosis van 4,0 ml (in totaal 14 ml) op te zuigen.
Het is belangrijk dat u de juiste doseerspuit gebruikt voor uw geneesmiddel. Uw arts of apotheker zal u vertellen welke spuit u moet gebruiken, afhankelijk van de voorgeschreven dosis.
Was uw handen vóór en na toediening als u het geneesmiddel inneemt of aan een kind of iemand anders toedient. Als u gemorst heeft, moet u dit onmiddellijk wegvegen. Om het risico op contact met het geneesmiddel te verkleinen, moet u wegwerphandschoenen gebruiken tijdens de toediening van dit middel.
Als dit middel in aanraking komt met de huid, ogen of neus, moet u het gebied onmiddellijk grondig wassen met water en zeep.
Volg onderstaande instructies op wanneer u het geneesmiddel gebruikt:
- Draag wegwerphandschoenen tijdens het gebruik van dit middel.
- Schud de fles om het geneesmiddel goed te mengen (afbeelding 1).
- Verwijder de dop van de fles (afbeelding 2) en duw de flesadapter stevig in de flesopening en laat deze zitten voor verdere doseringen (afbeelding 3).
- Duw de punt van de doseerspuit in de opening in de adapter (afbeelding 4). Uw arts of apotheker zal u vertellen welke spuit u moet gebruiken.
- Houd de fles ondersteboven (afbeelding 5).
- Trek de zuiger van de spuit terug om het geneesmiddel uit de fles in de spuit te zuigen. Trek de zuiger terug tot het punt op de schaal dat overeenkomt met de voorgeschreven dosis (afbeelding 5). Twijfelt u over de hoeveelheid van het geneesmiddel die u in de spuit moet zuigen? Neem dan contact op met uw arts of verpleegkundige.
- Draai de fles weer rechtop en verwijder de spuit zorgvuldig uit de adapter, waarbij u de spuit bij de cilinder vasthoudt en niet bij de zuiger.
- Plaats de punt van de spuit voorzichtig in uw mond en richt de spuit op de binnenzijde van uw wang.
- Duw de zuiger langzaam en voorzichtig naar binnen om het geneesmiddel voorzichtig tegen de binnenkant van uw wang te spuiten en slik het middel door. Duw de zuiger NIET te krachtig naar binnen en spuit het geneesmiddel NIET achter in uw mond of keel, omdat u zich dan kunt verslikken.
- Verwijder de spuit uit uw mond.
- Slik de dosis van de suspensie door en drink daarna wat water, zodat er geen geneesmiddel in uw mond achterblijft.
- Plaats de dop terug op de fles zonder de adapter te verwijderen. Zorg ervoor dat de dop goed dicht is.
- Was de spuit met koud of warm kraanwater en spoel de spuit goed af. Houd de spuit onder water en beweeg de zuiger verschillende keren op en neer om ervoor te zorgen dat de binnenkant van de spuit schoon is. Laat de spuit volledig drogen voordat u deze opnieuw gebruikt voor de volgende dosis. Bewaar de spuit samen met het geneesmiddel op een schone plek.
Herhaal het bovenstaande voor elke dosis volgens de instructies van uw arts of apotheker.
Heeft u te veel van dit middel ingenomen?
Als u meer van dit middel inneemt dan u zou mogen, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of ga naar een ziekenhuis. Neem de verpakking van het geneesmiddel mee.
Het meest waarschijnlijke effect van een overdosis is beenmergsuppressie (waarbij uw lichaam te weinig bloedcellen aanmaakt) die 9-14 dagen na toediening een maximum bereikt. Beenmergsuppressie leidt tot een verslechtering van het bloedbeeld en leidt in ernstige gevallen tot gevaarlijke infecties en andere ernstige effecten. Enkele verschijnselen van beenmergsuppressie zijn vermoeidheid, zweren in mond en keel, koorts en infectie, en onverklaarbare blauwe plekken en bloedingen.
Bent u vergeten dit middel in te nemen?
Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen. Neem de volgende dosis volgens uw normale schema.
Neem contact op met uw arts als u meer dan één dosis vergeten bent.
Als u stopt met het innemen van dit middel
De behandeling met dit middel moet altijd plaatsvinden onder nauwlettend medisch toezicht. Neem contact op met uw arts als u de behandeling wilt onderbreken of beëindigen.
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige.
Advertentie
Wat zijn de bijwerkingen van Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik?
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.
Als u een van de volgende ernstige bijwerkingen krijgt, stop dan met het innemen van dit middel en neem onmiddellijk contact op met uw arts of ga naar het ziekenhuis:
-
allergische reactie, de tekenen kunnen zijn
algemene vermoeidheid, duizeligheid, misselijkheid, overgeven of diarree, hoge temperatuur (koorts), beven of koude rillingen, roodheid van de huid, knobbeltjes in de huid of huiduitslag, spier- of gewrichtspijn, veranderingen in de kleur van uw urine (nierproblemen), leverproblemen en verstopping van het galkanaal (biliaire obstructie), pijn op de borst, kortademigheid of gezwollen benen (hartproblemen), verwardheid, licht gevoel in het hoofd of zwak gevoel (veroorzaakt door lage bloeddruk). - problemen met uw bloed en beenmerg, die tot uiting kunnen komen als onder andere zwakte, vermoeidheid, bleekheid, snel blauwe plekken krijgen, vreemde bloedingen of infecties (dit zijn zeer vaak voorkomende bijwerkingen, die bij meer dan 1 op de 10 mensen voorkomen).
- omkeerbare zwelling van de hersenen met verschijnselen die onder meer ernstige hoofdpijn, veranderingen in het gezichtsvermogen, epileptische aanvallen, verwardheid en een verminderd bewustzijn, met of zonder hoge bloeddruk, kunnen omvatten (posterieure-reversibele-encefalopathiesyndroom of PRES).
Als u een van de volgende ernstige bijwerkingen krijgt, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of ga naar het ziekenhuis:
- koorts of tekenen van infectie, zoals hoofdpijn en pijn in het lichaam, hoesten of ademhalingsproblemen (zoals bij een luchtweginfectie);
- u bent in contact geweest met iemand die waterpokken of gordelroos heeft;
- u merkt een van de volgende tekenen op: zwarte (teerachtige) ontlasting, bloed in de ontlasting, buikpijn of gele verkleuring van de huid en het oogwit;
- u krijgt snel blauwe plekken of merkt een ongebruikelijke bloeding op;
- u voelt zich extreem moe;
- u merkt waar dan ook in uw lichaam knobbels op;
- u merkt veranderingen in uw huid op, zoals blaren of huidafschilfering;
- uw gezondheid verslechtert plotseling.
Andere bijwerkingen zijn:
Zeer vaak (komen voor bij meer dan 1 op de 10 gebruikers)
laag aantal cellen in het beenmerg (verschijnselen, zie boven)
- lage concentratie witte bloedcellen in uw bloedonderzoek (leukopenie), wat infectie kan veroorzaken;
- infecties bij transplantatiepatiënten die dit middel in combinatie met andere immunosuppressiva gebruiken;
Vaak (komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruikers)
- laag aantal bloedplaatjes (trombocytopenie), waardoor u snel blauwe plekken of bloedingen krijgt
- misselijkheid
- overgeven
Soms (komen voor bij minder dan 1 op de 100 gebruikers)
- laag aantal rode bloedcellen (anemie), wat kan leiden tot vermoeidheid, hoofdpijn, kortademigheid bij lichaamsbeweging, duizeligheid en bleek zien;
- ontsteking van de alvleesklier, vooral bij transplantatiepatiënten en bij patiënten met inflammatoire darmziekte;
- infecties bij patiënten die geen andere immunosuppressiva in combinatie met hun azathioprine hebben gekregen;
- overgevoeligheidsreacties (verschijnselen, zie boven)
- leverproblemen, die kunnen leiden tot lichtgekleurde ontlasting, donkere urine, jeuk en gele verkleuring van uw huid en ogen;
- galstuwing;
- verslechtering van leverfunctiewaarden.
Leverschade en galstuwing zijn dosisafhankelijk en nemen doorgaans af na stopzetting van de behandeling.
Zelden (komen voor bij minder dan 1 op de 1.000 gebruikers)
- diverse vormen van kanker, waaronder kwaadaardige aandoeningen van het bloedstelsel, zoals acute myeloïde leukemie en myelodysplasie, die kenmerkend zijn voor immunosuppressie, lymfeklierkanker (non-hodgkinlymfoom), wekedelenkanker (bijvoorbeeld Kaposi- of non- Kaposi-sarcoom) of huidkanker (melanoom en non-melanoom) of solide kanker (bijvoorbeeld van de baarmoeder of baarmoederhals);
- afname van het aantal van bepaalde witte of rode bloedcellen (agranulocytose, aplastische anemie, erytroïde hypoplasie) of van alle bloedcellen (pancytopenie), een verhoogde aanwezigheid van abnormale, ongewoon grote, onvolgroeide rode bloedcellen (megaloblastaire anemie);
- ernstige leverschade die levensbedreigend kan zijn, vooral bij patiënten die langdurig worden behandeld (zoals leverschade,);
- haaruitval. In veel gevallen neemt de haaruitval na verloop van tijd af, ook al blijft u azathioprine innemen. Het verband tussen haaruitval en het gebruik van azathioprine is niet duidelijk.
Zeer zelden (komen voor bij minder dan 1 op de 10.000 gebruikers)
- bloedarmoede door een verhoogde afbraak van rode bloedcellen (hemolytische anemie);
- ernstige huidreacties met blaarvorming en loslating van de huid, vooral op de armen of benen, in de mond, de ogen en de geslachtsdelen, gepaard gaand met een slechte algehele conditie en koorts (syndroom van Stevens-Johnson, toxische epidermale necrolyse); overgevoeligheidsreacties met een dodelijke afloop (verschijnselen, zie boven);
- ontsteking in uw longweefsel zonder infectie (pneumonitis) die afneemt na stopzetting van de behandeling met dit middel;
- ernstige ontstekingsziekten van de dikke darm (colitis, diverticulitis) en darmperforatie bij transplantatiepatiënten;
- ernstige diarree bij patiënten met inflammatoire darmziekte;
- maag-darmstoornissen die leiden tot diarree, buikpijn, verstopping (obstipatie), misselijkheid en overgeven;
- een bepaald type bloedkanker (hepatosplenisch T-cellymfoom) bij patiënten met inflammatoire darmziekte die wordt behandeld met bepaalde andere geneesmiddelen die tumornecrosefactor remmen;
- een ziekte van de witte stof in de hersenen (progressieve multifocale leuko-encefalopathie, ook bekend als PML), veroorzaakt door het John Cunningham (JC)-virus.
Als u last heeft van misselijkheid en af en toe moet overgeven, kan uw arts u vragen dit middel na een maaltijd in te nemen om deze verschijnselen te verminderen. Vertel het uw arts als u last heeft van ernstige diarree, misselijkheid en overgeven.
Niet bekend (de frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)
- posterieur-reversibel-encefalopathiesyndroom (PRES, verschijnselen, zie boven)
- vitamine B3-tekort (pellagra) waarbij plaatselijke uitslag met pigment, diarree en problemen met het geheugen en het redenerings- en denkvermogen kunnen optreden.
- u kunt last krijgen van huiduitslag (gezwollen rode, roze of paarse knobbels, die pijnlijk zijn bij aanraking), met name op uw armen, handen, vingers, gezicht en nek, die ook gepaard kan gaan met koorts (syndroom van Sweet, ook wel acute febriele neutrofiele dermatose genoemd);
- gevoeligheid voor zonlicht, wat huidverkleuring of huiduitslag kan veroorzaken;
- ontsteking van een speekselklier (sialoadenitis);
- beven;
- leveraandoeningen van vasculaire oorsprong (niet-cirrotische portaalhypertensie, porto-sinusoïdale vasculaire ziekte).
Het melden van bijwerkingen
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het nationale meldsysteem zoals vermeld in aanhangsel V. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.
Hoe bewaart u Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik?
- Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.
- Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die vindt u op het etiket en de fles na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum
- Bewaren beneden 25°C.
- De fles zorgvuldig gesloten houden om bederf van het geneesmiddel te voorkomen en het risico op onbedoeld morsen te verkleinen.
- Ongebruikt geneesmiddel weggooien 12 weken nadat u de fles voor het eerst heeft geopend.
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Als u geneesmiddelen op de juiste manier afvoert, worden ze op een verantwoorde manier vernietigd en komen ze niet in het milieu terecht.
Meer informatie over Jayempi 10 mg/ml suspensie voor oraal gebruik
Welke stoffen zitten er in dit middel?
De werkzame stof in dit middel is azathioprine. Eén ml suspensie bevat 10 mg azathioprine.
Redactionele principes
Alle informatie is afkomstig van gecontroleerde bronnen (erkende instellingen, specialisten, studies van gerenommeerde universiteiten). Wij hechten veel waarde aan de kwalificatie van de auteurs en de wetenschappelijke onderbouwing van de informatie.


