Naar de inhoud

Medicijnen

Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten

Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten
Inhoud
  1. Wat is het en waarvoor wordt het gebruikt?
  2. Wat moet u weten voordat u het gebruikt?
  3. Hoe wordt het gebruikt?
  4. Wat zijn mogelijke bijwerkingen?
  5. Hoe moet het worden bewaard?
  6. Verdere informatie

In het kort

Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 is een anticonceptiepil en wordt gebruikt om zwangerschap te voorkomen. Alle 24 lichtroze, filmomhulde tabletten bevatten een kleine hoeveelheid van twee verschillende vrouwelijke hormonen, namelijk drospirenon en ethinylestradiol.

Werkzame stof(fen)
Drospirenon, Cortisone, Ethinylestradiol
Vergunninghouder
Bayer B.V. Siriusdreef 36 2132 WT HOOFDDORP
ATC-code
G03AA12

Deze samenvatting vervangt de bijsluiter of medisch advies niet.

Advertentie

Patiëntenbijsluiter

Waarvoor wordt Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten gebruikt?

  • Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 is een anticonceptiepil en wordt gebruikt om zwangerschap te voorkomen.
  • Alle 24 lichtroze, filmomhulde tabletten bevatten een kleine hoeveelheid van twee verschillende vrouwelijke hormonen, namelijk drospirenon en ethinylestradiol.
  • De 4 witte, filmomhulde tabletten bevatten geen werkzame bestanddelen en worden ook wel placebotabletten genoemd.
  • Anticonceptiepillen die twee hormonen bevatten worden ‘combinatiepillen’ genoemd.

Advertentie

Wat moet u weten voordat u Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten gebruikt?

Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee

  zijn? .......................................................................................................................................
  Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken?......................................................................
  Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit medicijn? ..................................................
  BLOEDSTOLSELS (TROMBOSE)...................................................................................
  Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 en kanker ....................................................................
  Psychische stoornissen ........................................................................................................
  Tussentijds bloedverlies ......................................................................................................
  Wat u moet doen als u geen bloeding krijgt tijdens de placebodagen ................................
  Gebruikt u nog andere medicijnen? ..................................................................................
  Waarop moet u letten met eten en drinken?......................................................................
  Laboratoriumonderzoeken ................................................................................................
  Zwangerschap en borstvoeding.........................................................................................
  Rijvaardigheid en het gebruik van machines ....................................................................
  Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 bevat lactose .............................................................
3. Hoe gebruikt u dit medicijn?..........................................................................................
  Voorbereiding van de strip................................................................................................
  Wanneer kunt u beginnen met de eerste strip ...................................................................
  Heeft u te veel van dit medicijn ingenomen?....................................................................
Bijsluiter Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm 2 van 18
  Bent u vergeten dit medicijn in te nemen?........................................................................
  Wat u moet doen in geval van overgeven of ernstige diarree ...........................................
  Uitstellen van de menstruatie: wat u moet weten..............................................................
  De begindag van uw menstruatie veranderen: wat u moet weten .....................................
  Als u stopt met het gebruik van dit medicijn ....................................................................
4. Mogelijke bijwerkingen ..................................................................................................
5. Hoe bewaart u dit medicijn? ..........................................................................................
6. Inhoud van de verpakking en overige informatie .......................................................

Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Algemene opmerkingen

Lees voordat u begint met het gebruik van dit medicijn de informatie over bloedstolsels (trombose) in rubriek 2. Het is vooral belangrijk dat u leest wat de symptomen zijn van een bloedstolsel – zie rubriek 2 ‘Bloedstolsels (trombose)”.

Voordat u kunt beginnen met het gebruik van dit medicijn, zal uw arts u een aantal vragen stellen over uw persoonlijke ziektegeschiedenis en die van uw naaste familieleden. De arts zal ook uw bloeddruk meten en, afhankelijk van uw persoonlijke situatie, mogelijk ook nog andere onderzoeken doen.

In deze bijsluiter worden verschillende situaties beschreven waarin u moet stoppen met het gebruik van dit medicijn of waarin de betrouwbaarheid van dit medicijn verminderd kan zijn. In die situaties moet u óf geen seks hebben, óf een extra anticonceptiemiddel zonder hormonen gebruiken, bijvoorbeeld een condoom of een andere barrièremethode. Maak geen gebruik van de temperatuurmethode of periodieke onthouding. Deze methoden kunnen onbetrouwbaar zijn omdat dit medicijn de maandelijkse veranderingen van de lichaamstemperatuur en het baarmoederhalsslijmvlies beïnvloedt.

Net als andere anticonceptiemiddelen met hormonen beschermt dit medicijn niet tegen infectie met het hiv-virus (aids) of andere seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s).

Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken?

U mag dit medicijn niet gebruiken als u een van de hieronder vermelde ziektes heeft. Als u een of meer van de hieronder vermelde ziektes heeft, vertel dit dan aan uw arts. Uw arts zal met u bespreken welke andere vorm van anticonceptie geschikter is voor u.

Gebruik dit medicijn niet:

  • als u een bloedstolsel in een bloedvat van de benen (diepe veneuze trombose, DVT), de longen (longembolie, PE) of ander orgaan heeft, of dit in het verleden heeft gehad
  • als u weet dat u een stoornis heeft die uw bloedstolling beïnvloedt – bijvoorbeeld proteïne C-deficiëntie, proteïne S-deficiëntie, antitrombine III-deficiëntie, factor V-Leiden of antistoffen tegen fosfolipiden
  • als u geopereerd moet worden of u bent gedurende lange tijd niet op de been (zie rubriek ‘Bloedstolsels
    (trombose)’)
  • als u ooit een hartaanval of beroerte heeft gehad
  • als u angina pectoris (een ziekte die hevige pijn in de borst veroorzaakt en een eerste verschijnsel van een hartaanval kan zijn) of een transiënte ischemische aanval heeft (TIA – voorbijgaande symptomen van een beroerte), of dit ooit heeft gehad
  • als u een van de volgende ziektes heeft, die het risico op een bloedstolsel in uw slagaderen kunnen verhogen:
    O ernstige diabetes (suikerziekte) met beschadiging van bloedvaten O ernstig verhoogde bloeddruk
    O een ernstig verhoogd vetgehalte in uw bloed (cholesterol of triglyceriden) O een ziekte die hyperhomocysteïnemie wordt genoemd
  • als u een type migraine dat ‘migraine met aura’ wordt genoemd heeft, of dit heeft gehad
  • als u een leverziekte heeft (of ooit heeft gehad) en de werking van uw lever nog niet normaal is
  • als uw nieren niet goed werken (nierinsufficiëntie)
  • als u een gezwel in de lever heeft (of ooit heeft gehad)
  • als u borstkanker of kanker van de geslachtsorganen heeft (of ooit heeft gehad), of als er een vermoeden

is dat u dat heeft

  • als u bloedverlies uit uw vagina heeft en de oorzaak niet duidelijk is
  • als u allergisch (overgevoelig) bent voor ethinylestradiol of drospirenon of voor één van de andere stoffen van dit medicijn. Deze stoffen kunt u vinden onder rubriek 6 van deze bijsluiter. Dit kan jeuk, huiduitslag of zwelling veroorzaken.

Gebruik Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 niet als u hepatitis C heeft en hiervoor medicijnen gebruikt die

ombitasvir/paritaprevir/ritovanir en dasabuvir, glecaprevir/pibrentasvir of sofosbuvir/velpatasvir/voxilaprevir bevatten (zie ook rubriek 2 “Gebruikt u nog andere medicijnen?”).

Meer informatie over speciale patiëntengroepen

Kinderen en jongeren

Dit medicijn is niet bedoeld voor vrouwen die nog niet menstrueren.

Oudere vrouwen

Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 is niet bedoeld voor gebruik na de overgang (menopauze).

Vrouwen met een leverziekte

Neem dit medicijn niet als u een leverziekte heeft. Zie ook ‘Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken?’ en ‘Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit medicijn?’.

Vrouwen met een nierziekte

Gebruik dit medicijn niet als uw nieren slecht werken of bij acuut nierfalen. Zie ook ‘Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken?’ en ‘Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit medicijn?’.

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit medicijn?

Wanneer moet u contact opnemen met uw arts?

Roep spoedeisende medische hulp in

als u mogelijke klachten of symptomen van een bloedstolsel bemerkt, die kunnen betekenen dat u lijdt aan een bloedstolsel in uw been (d.w.z. diepe veneuze trombose), een bloedstolsel in uw long (d.w.z. longembolie), een hartaanval of een beroerte (zie hieronder de rubriek ‘Bloedstolsels (trombose)’).

Ga voor een beschrijving van de klachten of symptomen van deze ernstige bijwerkingen naar ‘Hoe herkent u een bloedstolsel?”.

Vertel het uw arts, als een van de volgende situaties op u van toepassing is.

In sommige situaties moet u extra voorzichtig zijn als u dit medicijn of een andere combinatiepil gebruikt. Het kan nodig zijn dat u regelmatig door uw arts wordt gecontroleerd. Als de ziekte ontstaat, of verergert, terwijl u dit medicijn gebruikt, moet u dit ook aan uw arts vertellen.

  • Als iemand uit uw naaste familie borstkanker heeft of ooit heeft gehad
  • Als u een ziekte van de lever of galblaas heeft
  • Als u diabetes (suikerziekte) heeft
  • Als u een depressie (ernstige neerslachtigheid) heeft
  • Als u de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa (chronische inflammatoire darmziekte) heeft
  • Als u systemische lupus erythematosus (SLE – een ziekte die uw natuurlijke afweersysteem aantast) heeft
  • Als u hemolytisch-uremisch syndroom (HUS – een stoornis van de bloedstolling die nierfalen veroorzaakt) heeft
  • Als u sikkelcelanemie (een erfelijke ziekte van de rode bloedcellen) heeft
  • Als u verhoogde vetgehaltes in uw bloed (hypertriglyceridemie) heeft, of deze ziekte komt in uw familie voor of is in uw familie voorgekomen. Hypertriglyceridemie is in verband gebracht met een hoger risico om pancreatitis (een ontsteking van de alvleesklier) te krijgen
  • Als u geopereerd moet worden of u bent gedurende lange tijd niet op de been (zie ‘Bloedstolsels (trombose)' in rubriek 2)
  • Als u onlangs bevallen bent, heeft u een verhoogd risico op het krijgen van bloedstolsels. Vraag uw arts hoe snel na de bevalling u kunt beginnen met het gebruik van dit medicijn
  • Als u een ontsteking in de aders vlak onder de huid (oppervlakkige tromboflebitis) heeft
  • Als u spataderen heeft
  • Als u epilepsie (zie ʻGebruikt u nog andere medicijnen?’, pagina 10) heeft
  • Als u een ziekte heeft die voor het eerst optrad tijdens de zwangerschap of bij eerder gebruik van geslachtshormonen (bijvoorbeeld gehoorverlies, een ziekte van het bloed genaamd porfyrie, huiduitslag met blaasjes tijdens de zwangerschap (herpes gestationis), een ziekte van de zenuwen waarbij plotselinge bewegingen van het lichaam optreden (chorea van Sydenham))
  • Als u geelbruine pigmentvlekken, vooral in het gezicht (chloasma, zogenaamde 'zwangerschapsvlekken'), heeft of ooit heeft gehad. Als dit het geval is, vermijd dan directe blootstelling aan zonlicht of ultraviolet licht.

Als u verschijnselen van angio-oedeem krijgt, zoals een opgezwollen gezicht, tong en/of keel en/of problemen met slikken of galbulten mogelijk samen met problemen met ademhalen, neem dan direct contact op met uw arts. Producten die oestrogene hormonen bevatten, kunnen mogelijk de verschijnselen van erfelijk en verworven angio-oedeem veroorzaken of verergeren.

Neem contact op met uw arts voordat u dit medicijn gebruikt.

BLOEDSTOLSELS (TROMBOSE)

Als u een gecombineerd hormonaal anticonceptivum zoals Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 gebruikt, heeft u een hoger risico om bloedstolsels te krijgen dan als u geen gecombineerd hormonaal anticonceptivum gebruikt. In zelden voorkomende gevallen kan een bloedstolsel een bloedvat verstoppen en ernstige problemen veroorzaken.

Bloedstolsels kunnen ontstaan

  • in aders (dit wordt 'veneuze trombose', 'veneuze trombo-embolie' of VTE genoemd),
  • in slagaders (dit wordt 'arteriële trombose', 'arteriële trombo-embolie' of ATE genoemd).

Men herstelt niet altijd volledig van bloedstolsels. In zelden voorkomende gevallen kunnen er langdurige ernstige effecten zijn, of in zeer zelden voorkomende gevallen kunnen bloedstolsels dodelijk zijn.

Het is belangrijk dat u weet dat het algehele risico op een schadelijk bloedstolsel door dit medicijn klein is.

Schakel spoedeisende medische hulp in als u een van de volgende klachten of symptomen bemerkt.

Krijgt u een van deze klachten of symptomen? Waar kunt u aan lijden?
• zwelling van een been of langs een ader in een been of voet, Diepe veneuze trombose
vooral als dit gepaard gaat met:  
• pijn of gevoeligheid van het been, die u mogelijk alleen  
voelt bij het staan of lopen  
• verhoogde temperatuur in het aangedane been  
• kleurverandering van de huid van het been, bijvoorbeeld  
bleek, rood of blauw worden  
   
• plotselinge onverklaarde ademnood of snelle ademhaling Longembolie
• plotseling hoesten zonder duidelijke oorzaak, waarbij u bloed  
kunt ophoesten  
• scherpe pijn in de borst, die erger kan worden als u diep  
ademhaalt  
• ernstig licht gevoel in het hoofd of duizeligheid  
• snelle of onregelmatige hartslag  
• ernstige pijn in uw maag.  
Als u twijfelt, neem dan contact op met een arts, want sommige  
van deze symptomen, zoals hoesten of kortademigheid, kunnen  
Bijsluiter Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm     6 van 18
         
Krijgt u een van deze klachten of symptomen?   Waar kunt u aan lijden?    
ten onrechte worden aangezien voor een lichtere ziekte, zoals een        
luchtweginfectie (bijv. verkoudheid).        
Symptomen treden meestal in één oog op:   Veneuze trombose in het  
• onmiddellijk verlies van het gezichtsvermogen, of   netvlies (bloedstolsel in het  
• pijnloos wazig zien, wat zich kan ontwikkelen tot verlies van   oog)  
       
het gezichtsvermogen        
         
• pijn, ongemak, druk of zwaar gevoel op de borst   Hartaanval  
     
• beklemd of vol gevoel in de borst, arm of onder het borstbeen        
• vol gevoel, indigestie of naar adem snakken        
• ongemak in het bovenlichaam dat uitstraalt naar de rug, kaak,        
keel, arm en maag        
• transpireren, misselijkheid, braken of duizeligheid        
• extreme zwakte, angst of kortademigheid        
• snelle of onregelmatige hartslag        
         
• plotselinge zwakte of verdoofd gevoel van gezicht, arm of   Beroerte  
     
been, vooral aan één kant van het lichaam        
• plotselinge verwardheid, moeite met praten of begrijpen        
• plotselinge moeite met zien in één of beide ogen        
• plotselinge moeite met lopen, duizeligheid, verlies van        
evenwicht of coördinatie        
• plotselinge, ernstige of langdurige hoofdpijn zonder bekende        
oorzaak        
• verminderd bewustzijn of flauwvallen met of zonder        
epileptische aanval.        
De symptomen van een beroerte kunnen soms slechts kort duren        
en vrijwel direct en volledig herstellen. Toch moet u dan alsnog        
spoedeisende medische hulp inroepen, omdat u een kans kunt        
lopen om nog een beroerte te krijgen.        
• zwelling en lichte blauwkleuring van een arm of been   Bloedstolsels die andere  
     
• ernstige pijn in uw buik (acute buik)   bloedvaten verstoppen  
         

Wat kan er gebeuren als er een bloedstolsel wordt gevormd in een ader?

Het gebruik van gecombineerde hormonale anticonceptiva is in verband gebracht met een hoger risico op bloedstolsels in een ader (veneuze trombose). Deze bijwerkingen komen echter zelden voor. Meestal treden ze op in het eerste jaar dat een gecombineerd hormonaal anticonceptivum wordt gebruikt.

  • Als er een bloedstolsel wordt gevormd in een ader in een been of voet, kan het een diepe veneuze trombose (DVT) veroorzaken.
  • Als een bloedstolsel vanuit het been wordt meegevoerd en in de long terechtkomt, kan het een longembolie veroorzaken.
  • Het komt zeer zelden voor dat een bloedstolsel wordt gevormd in een ader in een ander orgaan, zoals het oog (veneuze trombose in het netvlies).

Wanneer is het risico op een bloedstolsel in een ader het hoogst?

Het risico op een bloedstolsels in een ader is het hoogst in het eerste jaar dat een vrouw voor het eerst een gecombineerd hormonaal anticonceptivum gebruikt. Het risico kan ook verhoogd zijn als u na een onderbreking van 4 weken of langer weer begint met het gebruik van een gecombineerd hormonaal anticonceptivum (hetzelfde product, of een ander product dan daarvoor).

Na het eerste jaar wordt het risico kleiner, maar hij blijft iets hoger dan als u geen gecombineerd hormonaal anticonceptivum gebruikt.

Als u stopt met dit medicijn, is uw risico op een bloedstolsel binnen enkele weken weer normaal.

Hoe hoog is het risico op een bloedstolsel?

Het risico hangt af van uw natuurlijk risico op VTE, en van het type gecombineerd hormonaal anticonceptivum dat u gebruikt.

Het algehele risico op een bloedstolsel in een been of long (diepe veneuze trombose of longembolie) met dit medicijn is klein.

  • Van elke 10.000 vrouwen die geen enkel gecombineerd hormonaal anticonceptivum gebruiken en niet zwanger zijn, krijgen er ongeveer 2 in een periode van een jaar een bloedstolsel.
  • Van elke 10.000 vrouwen die een gecombineerd hormonaal anticonceptivum gebruiken dat levonorgestrel, norethisteron of norgestimaat bevat, krijgen er ongeveer 5-7 in een jaar een bloedstolsel.
  • Van elke 10.000 vrouwen die een gecombineerd hormonaal anticonceptivum gebruiken dat drospirenon bevat, zoals Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4, krijgen er ongeveer tussen de 9 en 12 in een jaar een bloedstolsel.
  • Het risico om een bloedstolsel te krijgen is afhankelijk van uw persoonlijke medische voorgeschiedenis (zie rubrieken ‘Factoren die uw risico op een bloedstolsel in een ader/slagader verhogen’ hieronder).
  Risico om in een jaar een
  bloedstolsel te krijgen
Vrouwen die geen gecombineerde hormonale pil Ongeveer 2 van elke
gebruiken en niet zwanger zijn 10.000 vrouwen
Vrouwen die een combinatiepil gebruiken die Ongeveer 5-7 van elke
levonorgestrel, norethisteron of norgestimaat bevat 10.000 vrouwen
Vrouwen die Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 Ongeveer 9-12 van elke
gebruiken 10.000 vrouwen

Factoren die uw risico op een bloedstolsel in een ader verhogen

Het risico op een bloedstolsel met dit medicijn is klein, maar er zijn bepaalde omstandigheden die het risico verhogen. Uw risico is hoger:

  • als u ernstig overgewicht heeft (BMI [body mass index] hoger dan 30 kg/m2)
  • als één van uw naaste familieleden op jonge leeftijd (bijvoorbeeld vóór het 50e jaar) een bloedstolsel heeft gehad in een been, long of ander orgaan. In dat geval kunt u een erfelijke stollingsstoornis hebben.
  • als u een operatie moet ondergaan, of als u lange tijd niet op de been bent vanwege een blessure of ziekte, of als uw been in het gips zit. Het kan nodig zijn om vóór een operatie, of wanneer u minder mobiel bent, enkele weken te stoppen met het gebruik van dit medicijn. Als u moet stoppen met dit medicijn, vraag dan uw arts wanneer u weer kunt beginnen met het gebruik.
  • als u ouder wordt (in het bijzonder ongeveer boven de 35 jaar)
  • als u in de afgelopen weken bevallen bent.

Het risico op een bloedstolsel stijgt naarmate er meer van deze omstandigheden op u van toepassing zijn.

Een reis per vliegtuig (langer dan 4 uur) kan uw risico op een bloedstolsel tijdelijk verhogen, vooral als er nog enkele andere van de vermelde omstandigheden op u van toepassing zijn.

Het is belangrijk dat u het uw arts vertelt als een of meer van deze omstandigheden op u van toepassing zijn, zelfs als u hierover twijfelt. Uw arts kan beslissen dat u moet stoppen met het gebruik van dit medicijn.

Als een van de hierboven vermelde omstandigheden verandert terwijl u dit medicijn gebruikt, bijvoorbeeld als een naast familielid een bloedstolsel (trombose) krijgt zonder bekende oorzaak, of als u veel in gewicht aankomt, vertel dit dan aan uw arts.

Wat kan er gebeuren als er een bloedstolsel wordt gevormd in een slagader?

Net als een bloedstolsel in een ader, kan een bloedstolsel in een slagader ernstige problemen veroorzaken. Het kan bijvoorbeeld een hartaanval of een beroerte veroorzaken.

Factoren die uw risico op een bloedstolsel in een slagader verhogen

Het is belangrijk dat u weet dat het risico op een hartaanval of beroerte door het gebruik van dit medicijn zeer klein is, maar groter kan worden:

  • met toenemende leeftijd (boven ongeveer 35 jaar)
  • als u rookt. Als u een gecombineerd hormonaal anticonceptivum zoals Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 gebruikt, wordt aangeraden dat u stopt met roken. Als u niet kunt stoppen met roken en ouder bent dan 35 jaar, kan uw arts u aanraden om een ander type voorbehoedsmiddel te gebruiken
  • als u overgewicht heeft
  • als u hoge bloeddruk heeft
  • als een lid van uw naaste familie op jonge leeftijd (vóór het 50e jaar) een hartaanval of beroerte heeft gehad. In dat geval kunt u ook een verhoogd risico hebben om een hartaanval of beroerte te krijgen
  • als u, of een lid van uw naaste familie, een verhoogd vetgehalte in het bloed heeft (cholesterol of triglyceriden)
  • als u aan migraine lijdt, vooral migraine met aura
  • als u een hartziekte heeft (hartklepziekte, of een hartritmestoornis die atriumfibrilleren wordt genoemd)
  • als u suikerziekte (diabetes) heeft.

Als meer dan één van deze omstandigheden op u van toepassing is, of als een van deze ziektes bijzonder ernstig is, kan het risico op het krijgen van een bloedstolsel zelfs nog verder verhoogd zijn.

Als een van de hierboven vermelde omstandigheden verandert terwijl u dit medicijn gebruikt, bijvoorbeeld als u begint met roken of als een naast familielid een bloedstolsel (trombose) krijgt zonder bekende oorzaak, of als u veel in gewicht aankomt, vertel dit dan aan uw arts.

Dit medicijn en kanker

Bij vrouwen die een combinatiepil gebruiken, wordt iets vaker borstkanker geconstateerd, maar het is niet bekend of dit wordt veroorzaakt door het pilgebruik. Het kan bijvoorbeeld ook zijn dat er meer borstkanker wordt ontdekt bij vrouwen die een combinatiepil gebruiken omdat zij vaker door hun arts worden onderzocht. Het vóórkomen van borstkanker wordt geleidelijk aan minder na het stoppen met een combinatiepil. Het is belangrijk om regelmatig uw borsten te controleren. Als u een knobbeltje voelt, moet u contact opnemen met uw arts.

In zeldzame gevallen zijn bij pilgebruiksters goedaardige levertumoren gevonden en in nog zeldzamere gevallen kwaadaardige levertumoren. Neem contact op met uw arts als u ongewoon hevige buikpijn krijgt.

Psychische stoornissen

Sommige vrouwen die hormonale anticonceptiemiddelen waaronder Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 gebruiken, hebben melding gemaakt van depressie of neerslachtigheid. Depressie kan ernstig zijn en kan soms tot zelfmoordgedachten leiden. Als u stemmingswisselingen en symptomen van depressie ervaart, neem dan zo snel mogelijk contact op met uw arts voor verder medisch advies.

Tussentijds bloedverlies

Tijdens de eerste paar maanden dat u dit medicijn gebruikt, kunt u onverwacht een bloeding krijgen (bloedverlies buiten de placebodagen). Als dit bloedverlies niet alleen tijdens de eerste paar maanden optreedt, of als het pas na enkele maanden voor het eerst optreedt, moet uw arts onderzoeken wat de oorzaak is.

Wat u moet doen als u geen bloeding krijgt tijdens de placebodagen

Als u alle lichtroze, werkzame tabletten op de juiste manier heeft ingenomen, als u niet heeft overgegeven, geen ernstige diarree heeft gehad en als u geen andere medicijnen heeft gebruikt, is het hoogst onwaarschijnlijk dat u zwanger bent.

Als de verwachte bloeding twee keer achter elkaar niet komt, kunt u zwanger zijn. Neem direct contact op met uw arts. Begin pas met de volgende strip als u zeker weet dat u niet zwanger bent.

Gebruikt u nog andere medicijnen?

Vertel uw arts altijd welke medicijnen en kruidenmiddelen u al gebruikt. Vertel ook elke andere arts of tandarts die u een ander medicijn voorschrijft (of de apotheker) dat u dit medicijn neemt. Zij kunnen u vertellen of het nodig is om extra anticonceptiemaatregelen te nemen (bijvoorbeeld condooms) en, als dat het geval is, hoe lang u dit moet doen en of het gebruik van andere medicijnen die u nodig heeft moet worden gewijzigd.

Sommige medicijnen

  • kunnen invloed hebben op de bloedspiegels van Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4
  • kunnen de bescherming tegen zwangerschap verminderen
  • kunnen onverwacht bloedverlies veroorzaken.

Het gaat hierbij om:

medicijnen voor de behandeling van O epilepsie (bijvoorbeeld primidon, fenytoïne, barbituraten, carbamazepine, oxcarbazepine) O tuberculose (bijvoorbeeld rifampicine)

    • infecties met het hiv en hepatitis C-virus (zogenaamde proteaseremmers en niet-nucleoside reverse-transcriptaseremmers zoals ritonavir, nevirapine, efavirenz)
    • schimmelinfecties (bijvoorbeeld griseofulvine, ketoconazol)
    • artritis, artrose (etoricoxib)
    • hoge bloeddruk in de longbloedvaten (bosentan)
  • het kruidenmiddel sint-janskruid.

Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 kan de werking van andere medicijnen beïnvloeden, bijvoorbeeld

  • medicijnen met cyclosporine
  • het anti-epilepsiemedicijn lamotrigine (dit kan leiden tot het vaker optreden van aanvallen)
  • theofylline (wordt gebruikt bij de behandeling van ademhalingsproblemen)
  • tizanidine (wordt gebruikt bij de behandeling van spierpijn en/of spierkrampen).

Gebruik Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 niet als u hepatitis C heeft en hiervoor medicijnen gebruikt die ombitasvir/paritaprevir/ritovanir en dasabuvir, glecaprevir/pibrentasvir of sofosbuvir/velpatasvir/voxilaprevir bevatten aangezien dit verhoogde leverfunctiewaarden in het bloed (verhoogd ALAT-leverenzym) kan veroorzaken. Uw arts zal u een ander anticonceptiemiddel

voorschrijven voordat u begint met de behandeling met deze medicijnen. Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 kan ongeveer 2 weken na afloop van deze behandeling worden hervat. Zie rubriek 2 “Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken?”.

Vraag uw arts of apotheker om advies voordat u een medicijn inneemt.

Waarop moet u letten met eten en drinken?

Dit medicijn kan met of zonder voedsel ingenomen worden, zo nodig met een beetje water.

Laboratoriumonderzoeken

Als er bloedonderzoek bij u moet worden gedaan, vertel dan uw arts of het laboratoriumpersoneel dat u de pil gebruikt. Anticonceptiepillen kunnen namelijk de uitslagen van sommige onderzoeken beïnvloeden.

Zwangerschap en borstvoeding

Gebruik dit medicijn niet als u zwanger bent. Als u zwanger wordt terwijl u dit medicijn gebruikt, moet u hier direct mee stoppen en contact met uw arts opnemen. Als u zwanger wilt raken, kunt u met dit medicijn stoppen wanneer u maar wilt (zie ʻAls u stopt met het gebruik van dit medicijn’, pagina 15).

Het gebruik van dit medicijn wordt over het algemeen niet aangeraden als u borstvoeding geeft. Als u de pil wilt gebruiken terwijl u borstvoeding geeft, moet u contact opnemen met uw arts.

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Er is geen informatie die erop wijst dat dit medicijn invloed heeft op autorijden of het gebruik van machines.

Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 bevat lactose

Als u overgevoelig bent voor bepaalde suikers, moet u contact opnemen met uw arts voordat u dit medicijn gaat gebruiken.

Hoe wordt Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten gebruikt?

Elke strip bevat 24 werkzame lichtroze, filmomhulde tabletten en 4 witte, filmomhulde placebo-tabletten.

De twee verschillend gekleurde tabletten van dit medicijn zitten op volgorde. Een strip bevat 28 tabletten.

Neem elke dag 1 tablet, zonodig met een beetje water. U mag de tabletten met of zonder voedsel innemen, maar u moet de tabletten elke dag rond hetzelfde tijdstip innemen.

Haal de tabletten niet door elkaar: neem een lichtroze tablet tijdens de eerste 24 dagen en daarna een witte tablet tijdens de laatste 4 dagen. Daarna moet u direct met een nieuwe strip beginnen (24 lichtroze en daarna 4 witte tabletten). Er is dus geen stopperiode tussen twee strips.

Vanwege de verschillende samenstelling van de tabletten is het noodzakelijk om met de eerste tablet links bovenaan te beginnen én om de tabletten elke dag in te nemen. Volg de richting van de pijlen op de strip voor de juiste volgorde van inname.

Voorbereiding van de strip

Om de dagelijkse inname van de pil te kunnen bijhouden, krijgt u bij elke strip zeven stickers elk met de zeven dagen van de week erop.

Kies de weeksticker die begint met de dag waarop u begint met het innemen van de tabletten. Bijvoorbeeld: als u op woensdag begint, gebruikt u de weeksticker die met ‘wo’ begint.

Plak de weeksticker bovenaan de strip waar staat geschreven ʻPlaats hier de weeksticker’ zodanig dat de eerste dag boven de tablet met ʻstart’ zit.

Boven elke tablet staat nu een dag aangegeven. U kunt daardoor zien of u een bepaalde pil heeft ingenomen. De pijlen geven de innamevolgorde van de tabletten aan.

Tijdens de 4 dagen waarop u een witte placebotablet inneemt (de placebodagen), moet er een bloeding

beginnen (een zogenaamde onttrekkingsbloeding). Deze begint meestal op de tweede of derde dag na de laatste lichtroze, werkzame tablet. Als u eenmaal de laatste witte tablet heeft ingenomen, moet u met de volgende strip beginnen, of uw bloeding voorbij is of niet. Dit betekent dat u steeds op dezelfde dag van de week met een strip moet beginnen en dat de onttrekkingsbloeding elke maand op de zelfde dagen zou moeten vallen.

Als u dit medicijn op deze manier gebruikt, bent u ook tijdens de 4 dagen waarop u een placebotablet gebruikt tegen zwangerschap beschermd.

Wanneer kunt u beginnen met de eerste strip

  • U heeft de afgelopen maand geen anticonceptiemiddel met hormonen gebruikt
    Begin met dit medicijn op de eerste dag van de cyclus (dit is de eerste dag van uw menstruatie). Als u op de eerste dag van uw menstruatie met dit medicijn begint, bent u meteen beschermd tegen zwangerschap. U mag ook op dag 2-5 van de cyclus beginnen, maar dan moet u de eerste 7 dagen wel een extra voorbehoedmiddel (bijvoorbeeld een condoom) gebruiken.
  • Overschakeling van een gecombineerd hormonaal anticonceptiemiddel, gecombineerde vaginale anticonceptiering of anticonceptiepleister
    U kunt het beste met dit medicijn beginnen op de dag na de laatste werkzame tablet (de laatste tablet met werkzame bestanddelen) van uw vorige pil, maar niet later dan op de dag na de tabletvrije dagen van uw vorige pil (of na de laatste niet-werkzame tablet van uw vorige pil). Als u overschakelt van een gecombineerde vaginale anticonceptiering of anticonceptiepleister, moet u het advies van uw arts volgen.
  • Overschakeling van een anticonceptiemethode met alleen een progestageen hormoon (anticonceptiepil met alleen een progestageen hormoon (ook wel ‘minipil’ genoemd), prikpil, implantaat of een progestageen-afgevend spiraaltje)
    Overschakelen van een anticonceptiepil met alleen een progestageen hormoon mag elke dag, bij een implantaat of spiraaltje op de dag waarop dit wordt verwijderd en bij de prikpil op de dag waarop u de volgende injectie zou moeten krijgen. In alle gevallen moet u de eerste 7 dagen van het pilgebruik wél een extra voorbehoedmiddel (bijvoorbeeld een condoom) gebruiken.
  • Na een miskraam of abortus
    Volg het advies van uw arts.
  • Na een bevalling
    Als u bent bevallen, kunt u na 21 tot 28 dagen met dit medicijn beginnen. Als u na dag 28 begint, moet u de eerste 7 dagen waarop dit medicijn gebruikt een zogenaamde barrièremethode (bijvoorbeeld een condoom) gebruiken.
    Als u na een bevalling seks heeft gehad voordat u (weer) met dit medicijn bent begonnen, moet het eerst zeker zijn dat u niet zwanger bent of u moet wachten tot uw volgende menstruatie.
  • Als u borstvoeding geeft en u na een bevalling (weer) met dit medicijn wilt beginnen.
    Lees het hoofdstuk ʻBorstvoeding’, pagina 11.

Vraag uw arts wat u moet doen als u niet zeker weet wanneer u kunt beginnen.

Heeft u te veel van dit medicijn ingenomen?

Er is geen melding gemaakt van ernstige schadelijke gevolgen van het innemen van te veel tabletten.

Als u meerdere tabletten tegelijk heeft ingenomen, kunt u last krijgen van misselijkheid, overgeven of vaginaal bloedverlies. Zelfs meisjes die nog niet menstrueren kunnen vaginaal bloedverlies krijgen als zij per ongeluk dit medicijn hebben ingenomen.

Als u te veel tabletten heeft ingenomen, of als u ontdekt dat een kind een aantal tabletten heeft ingenomen, vraag dan uw arts of apotheker om advies.

Bent u vergeten dit medicijn in te nemen?

De laatste 4 tabletten op de vierde rij van de strip zijn de placebotabletten. Als u één van deze tabletten vergeet, heeft dit geen invloed op de betrouwbaarheid van dit medicijn. Gooi de vergeten placebotablet weg.

Als u een lichtroze, werkzame tablet (tabletten 1-24 van uw strip) vergeet, moet u het volgende doen:

  • Als u minder dan 24 uur te laat bent met het innemen van een tablet, is de bescherming tegen zwangerschap niet verminderd. Neem die tablet in zodra u eraan denkt en neem de volgende tabletten weer op het gebruikelijke tijdstip in.
  • Als u meer dan 24 uur te laat bent met het innemen van een tablet, kan de bescherming tegen zwangerschap verminderd zijn. Hoe groter het aantal vergeten tabletten, hoe groter de kans wordt op een zwangerschap.
    De kans op onvoldoende bescherming tegen zwangerschap is het grootst als u een lichtroze tablet vergeet aan het begin of aan het einde van de strip. Daarom moet u de volgende regels opvolgen (zie ook het schema op pagina 14):
    • Meer dan één tablet vergeten in deze strip
      Neem contact op met uw arts.
    • Eén tablet vergeten tijdens dag 1-7 (eerste rij tabletten)
      Neem de vergeten tablet in zodra u eraan denkt, ook als dit zou betekenen dat u twee tabletten op hetzelfde moment moet innemen. Neem de volgende tabletten weer op het gebruikelijke tijdstip in, en gebruik de volgende 7 dagen een extra voorbehoedmiddel, bijvoorbeeld een condoom.
      Als u in de week vóór de vergeten tablet seks heeft gehad, moet u er rekening mee houden dat u zwanger zou kunnen zijn. Neem in dit geval contact op met uw arts.
    • Eén tablet vergeten tijdens dag 8-14 (tweede rij tabletten)
      Neem de vergeten tablet in zodra u eraan denkt, zelfs als dat betekent dat u twee tabletten op hetzelfde moment moet innemen. Neem de volgende tabletten weer op het gebruikelijke tijdstip in. De bescherming tegen zwangerschap is niet verminderd en u hoeft geen extra voorbehoedmiddelen te gebruiken.
    • Eén tablet vergeten tijdens dag 15-24 (derde of vierde rij tabletten)
      U kunt uit twee mogelijkheden kiezen:

1. Neem de vergeten tablet in zodra u eraan denkt, ook als dat betekent dat u twee tabletten op hetzelfde moment moet innemen. Neem de volgende tabletten weer op het gebruikelijke tijdstip in. In plaats van de witte placebotabletten uit deze strip in te nemen, gooit u ze weg en begint u met de volgende strip (startdag is een andere dag).

Zeer waarschijnlijk krijgt u aan het eind van de tweede strip een menstruatie (onttrekkingsbloeding), terwijl u de witte placebotabletten inneemt, maar u kunt last krijgen van spotting (bloeddruppels of -vlekjes) of een doorbraakbloeding tijdens de tweede strip.

2. U kunt ook stoppen met de werkzame, lichtroze tabletten en direct verder gaan met de 4 witte placebotabletten (noteer vóór u met deze placebotabletten begint, de dag waarop u uw tablet bent vergeten). Als u op uw vaste startdag met een nieuwe strip wilt beginnen, kunt u de placebotabletten minder dan 4 dagen innemen.

Als u één van deze twee adviezen opvolgt, blijft u beschermd tegen zwangerschap.

Als u één van de tabletten in een strip bent vergeten en u geen bloeding krijgt tijdens de eerstvolgende placebodagen, kan dit betekenen dat u zwanger bent. U moet contact opnemen met uw arts voordat u aan de volgende strip begint.

meerdere lichtroze tabletten vergeten in 1 strip

slechts 1 lichtroze tablet vergeten (meer dan 24 uur te laat met innemen)

dag 1-7

dag 8-14

dag 15-24

vraag uw arts om advies

ja

gemeenschap gehad in de week voor het vergeten?

nee

  • neem de vergeten tablet in
  • gebruik de volgende 7 dagen een barrièremiddel (condoom) en
  • maak de strip af
  • neem de vergeten tablet in en
  • maak de strip af
  • neem de vergeten tablet in en

• maak de lichtroze tabletten op

  • gooi de 4 witte tabletten weg
  • begin daarna met de volgende strip

óf

  • stop onmiddellijk met de lichtroze tabletten
  • ga direct verder met de 4 witte tabletten

• begin daarna met de volgende strip

Wat u moet doen in geval van overgeven of ernstige diarree

Als u binnen 3-4 uur na het innemen van een werkzame lichtroze tablet overgeeft of ernstige diarree krijgt, is er een kans dat de werkzame bestanddelen van de pil niet volledig in uw lichaam zijn opgenomen. Deze situatie is bijna dezelfde als het vergeten van een tablet. Na overgeven of diarree moet u zo snel mogelijk een andere lichtroze tablet uit een reservestrip innemen. Als het mogelijk is, moet u deze innemen binnen

24 uur na het tijdstip waarop u normaal uw pil inneemt. Als dit niet mogelijk is, of als de 24 uur al voorbij zijn, moet u het advies opvolgen dat wordt gegeven onder ʻBent u vergeten dit medicijn in te nemen?’,

pagina 13.

Uitstellen van de menstruatie: wat u moet weten

Het is mogelijk om uw menstruatie (onttrekkingsbloeding) uit te stellen, hoewel het niet wordt aangeraden. Uitstel is mogelijk door de witte placebotabletten van rij 4 niet in te nemen en direct verder te gaan met een nieuwe strip van dit medicijn en deze helemaal te gebruiken. Tijdens het gebruik van de tweede strip kunt u last krijgen van spotting (bloeddruppels of -vlekjes) of een doorbraakbloeding. Maak de tweede strip af door de 4 witte tabletten van de 4e rij in te nemen. Begin daarna met een nieuwe strip.

U kunt uw arts om advies vragen voordat u beslist om uw menstruatie uit te stellen.

De begindag van uw menstruatie veranderen: wat u moet weten

Als u de tabletten volgens de aanwijzingen inneemt, zal uw menstruatie tijdens de placebodagen beginnen. Als u de begindag van uw bloeding moet veranderen, verminder dan het aantal placebodagen -waarop u de witte placebotabletten inneemt- (maar maak er nooit meer van - 4 is het maximum aantal dagen!).

Bijvoorbeeld: als u met de placebotabletten op een vrijdag begint en u wilt dat verschuiven naar dinsdag (3 dagen eerder) dan moet u 3 dagen eerder dan gebruikelijk met een nieuwe strip beginnen. Het is mogelijk dat u tijdens deze periode geen bloeding krijgt. U kunt in dat geval last krijgen van spotting (bloeddruppels of -vlekjes) of een doorbraakbloeding.

Als u niet zeker weet wat u moet doen, vraag dan uw arts om advies.

Als u stopt met het gebruik van dit medicijn

U kunt op elk gewenst moment stoppen met het gebruik van dit medicijn. Als u niet zwanger wilt raken, vraag dan uw arts om advies over andere betrouwbare voorbehoedmiddelen. Als u zwanger wilt raken, stop dan met het gebruik van dit medicijn en wacht tot u een menstruatie heeft, voordat u probeert zwanger te raken. U kunt dan gemakkelijker de verwachte geboortedatum uitrekenen.

Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit medicijn? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

Advertentie

Wat zijn de bijwerkingen van Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten?

Zoals elk medicijn kan ook dit medicijn bijwerkingen hebben, Niet iedereen krijgt daarmee te maken.

Krijgt u een bijwerking, vooral als deze ernstig van aard is en lang aanhoudt, of treedt er een verandering op in uw gezondheidstoestand waarvan u denkt dat die veroorzaakt kan worden door dit medicijn? Neem dan contact op met uw arts.

Alle vrouwen die gecombineerde hormonale anticonceptiva gebruiken, hebben een hoger risico op bloedstolsels in de aders (veneuze trombo-embolie [VTE]) of bloedstolsels in de slagaders (arteriële trombo-embolie [ATE]). Zie voor meer informatie over de verschillende risico's van het gebruik van gecombineerde hormonale anticonceptiva rubriek 2 ‘Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?”.

Ernstige bijwerking

Neem direct contact op met uw arts als u verschijnselen van angio-oedeem krijgt zoals een opgezwollen

gezicht, tong en/of keel en/of problemen met slikken of galbulten mogelijk samen met problemen met ademhalen (zie ook rubriek 2: ‘Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?’).

Hieronder volgt een lijst met bijwerkingen die in verband zijn gebracht met het gebruik van dit medicijn.

Vaak voorkomende bijwerkingen (komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruiksters):

  • stemmingswisselingen
  • hoofdpijn
  • misselijkheid

pijnlijke borsten, menstruatieklachten zoals onregelmatig optredende menstruaties, wegblijven van de bloeding.

Soms voorkomende bijwerkingen (komen voor bij minder dan 1 op de 100 gebruiksters):

  • depressie, zenuwachtigheid, slaperigheid
  • duizeligheid, ‘slapen’ van een deel van het lichaam
  • migraine, spataderen, hoge bloeddruk
  • buikpijn, overgeven, gestoorde spijsvertering, winderigheid, maagontsteking, diarree
  • acne, jeuk, huiduitslag
  • pijnen en pijntjes zoals rugpijn en pijn in de ledematen, spierkramp
  • vaginale schimmelinfectie, pijn onder in de buik (bekken), groter worden van de borsten, goedaardige knobbeltjes in de borst, bloedverlies uit de vagina (wat meestal overgaat als u verder gaat met de behandeling), afscheiding uit de vagina, opvliegers, ontsteking van de vagina (vaginitis), menstruatiestoornissen, pijnlijke menstruatie, lichtere bloedingen, zware bloedingen, vaginale droogheid, afwijkend uitstrijkje, minder zin in seks (verlaagd libido)
  • gebrek aan energie, meer zweten dan normaal, vocht vasthouden
  • toename van het lichaamsgewicht.

Zelden voorkomende bijwerkingen (komen voor bij minder dan 1 op de 1000 gebruiksters):

  • schimmelinfectie (candida)
  • bloedarmoede, stijging van het aantal bloedplaatjes in het bloed
  • allergische reactie
  • stoornis van de hormoonhuishouding
  • verhoogde eetlust, minder eetlust, abnormaal hoge hoeveelheid kalium in het bloed, abnormaal lage hoeveelheid natrium in het bloed
  • het niet kunnen bereiken van een orgasme, slapeloosheid
  • draaiduizeligheid, beven
  • oogziektes zoals bijvoorbeeld ontsteking van het ooglid, droge ogen
  • versnelde hartslag
  • aderontsteking, bloedneus, flauwvallen
  • vergrote buik, ziekte van het spijsverteringskanaal, opgeblazen gevoel, buikwandbreuk, schimmelinfectie in de mond, obstipatie (‘verstopt zitten’), droge mond
  • pijn aan de galwegen of galblaas, ontsteking van de galblaas
  • geelbruine pigmentvlekken op de huid, eczeem, haaruitval, acne-achtige ontsteking van de huid, droge huid, huidontsteking met knobbeltjes, overmatige lichaamsbeharing, huidziekte, striemen op de huid, ontsteking van de huid, ontsteking van de huid door overgevoeligheid voor licht, knobbeltjes in de huid
  • pijn of moeite bij het vrijen, ontsteking van de vagina (vulvovaginitis), bloedverlies na het vrijen, onttrekkingsbloeding, cysten (holtes/blazen met vloeibare inhoud) in de borst, toegenomen aantal borstcellen (hyperplasie), kwaadaardige knobbeltjes in de borst, abnormale groei van het slijmvlies van de baarmoederhals, slinken van het baarmoederslijmvlies, cysten in de eileiders, groter worden van de baarmoeder
  • zich niet lekker voelen
  • afname van het lichaamsgewicht.
  • schadelijke bloedstolsels in een ader of slagader, bijvoorbeeld:

in een been of voet (d.w.z. diepe veneuze trombose)

  • in een long (d.w.z. longembolie)
  • hartaanval
  • beroerte
  • 'mini-stroke' of tijdelijke symptomen zoals bij een beroerte, bekend als TIA (transiënte ischemische aanval)
  • bloedstolsels in de lever, maag/darmen, nieren of ogen

De kans om een bloedstolsel te krijgen is groter als er andere omstandigheden op u van toepassing zijn die dit risico verhogen (zie rubriek 2 voor meer informatie over de omstandigheden die het risico op bloedstolsels verhogen en de symptomen van een bloedstolsel).

De volgende bijwerkingen zijn ook gemeld, maar hoe vaak ze voorkomen kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald: overgevoeligheid, erythema multiforme (gekenmerkt door huiduitslag met cirkelvormige roodheid of blaren).

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website www.lareb.nl. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit medicijn.

Hoe bewaart u Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten?

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

Er zijn geen speciale bewaarcondities voor dit medicijn.

Gebruik dit medicijn niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de verpakking na ʻEXP’. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

Spoel medicijnen niet door de gootsteen of de wc en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met medicijnen moet doen die u niet meer gebruikt. Als u medicijnen op de juiste manier afvoert worden ze op een juiste manier vernietigd en komen ze niet in het milieu terecht.

Meer informatie over Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten

Welke stoffen zitten er in dit medicijn?

De werkzame stoffen in dit medicijn zijn ethinylestradiol (als betadexcladraat) en drospirenon.

  • Elke lichtroze, werkzame, filmomhulde tablet bevat 0,020 milligram ethinylestradiol (als betadexcladraat) en 3 milligram drospirenon.
  • De witte, filmomhulde tabletten bevatten geen werkzame bestanddelen.

De andere stoffen in dit medicijn zijn:

  • Lichtroze, werkzame, filmomhulde tabletten
    Tabletkern: lactosemonohydraat, maïszetmeel, magnesiumstearaat (E470b)
    Filmomhulling: hypromellose (E464), talk (E553b), titaniumdioxide (E171) en rood ijzeroxide (E172).
  • Witte, niet-werkzame, filmomhulde tabletten
    Tabletkern: lactosemonohydraat, microkristallijne cellulose, magnesiumstearaat (E470b) Filmomhulling: hypromellose (E464), talk (E553b) en titaniumdioxide (E171).

Zie rubriek 2 “Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 bevat lactose”.

Hoe ziet Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 er uit en wat zit er in een verpakking?

  • Elke strip bevat 24 lichtroze, werkzame, filmomhulde tabletten op de 1e, 2e, 3e en 4e rij van de strip en 4 witte, niet-werkzame, filmomhulde tabletten op rij 4.
  • Zowel de lichtroze als de witte, zijn filmomhulde tabletten: de kern van de tablet is omhuld.
  • De werkzame tabletten zijn lichtroze en rond met bolronde zijden, waarvan één zijde voorzien is van de letters ʻDS’ in een regelmatige zeshoek.
  • De placebotabletten zijn wit en rond met bolronde zijden, waarvan één zijde voorzien is van de letters 'ʻDP’ in een regelmatige zeshoek.
  • Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 is verkrijgbaar in verpakkingen van 1, 3 en 6 strip(s) met elk 28 tabletten.

Niet alle genoemde verpakkingsgroottes hoeven in de handel te worden gebracht.

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant

Vergunninghouder

Bayer B.V.

Siriusdreef 36

2132 WT Hoofddorp

Voor inlichtingen:

Bayer B.V., Postbus 88, 2130 AB Hoofddorp

Fabrikant

Bayer AG

13342 Berlijn, Duitsland

Bayer Weimar GmbH und Co KG

Döbereinerstr. 20, 99427 Weimar, Duitsland

In het register ingeschreven onder RVG 100827

Dit medicijn is geregistreerd in de lidstaten van de Europese Economische Ruimte onder de volgende namen.

  • Nederland: Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm
  • Oostenrijk, Tsjechië: Eloine
  • Finland: Linatera

Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in mei 2023.

Redactionele principes

Alle informatie is afkomstig van gecontroleerde bronnen (erkende instellingen, specialisten, studies van gerenommeerde universiteiten). Wij hechten veel waarde aan de kwalificatie van de auteurs en de wetenschappelijke onderbouwing van de informatie.

Meer medicijnen met dezelfde werkzame stof

De volgende medicijnen bevatten ook de werkzame stof Drospirenon. Raadpleeg uw arts over een mogelijk alternatief voor Ethinylestradiol/Drospirenon 24+4 0,02 mg/3 mg Berlipharm, filmomhulde tabletten

Uit ons magazine