Inhoud
In het kort
Attenfarm bevat de werkzame stof dexamfetaminesulfaat. Dit medicijn zorgt dat delen van de hersenen beter werken (psychostimulant). Dit medicijn kan zorgen voor betere aandacht en meer concentratie. Het kan ook zorgen dat u minder snel dingen doet zonder er bij na te denken (impulsief gedrag).
- Werkzame stof(fen)
- Dexamfetamine
- Vergunninghouder
- Orifarm Healthcare A/S
- ATC-code
- N06BA02
Deze samenvatting vervangt de bijsluiter of medisch advies niet.
Advertentie
Patiëntenbijsluiter
Waarvoor wordt Attenfarm 10 mg tabletten gebruikt?
Attenfarm bevat de werkzame stof dexamfetaminesulfaat.
Dit medicijn zorgt dat delen van de hersenen beter werken (psychostimulant). Dit medicijn kan zorgen voor betere aandacht en meer concentratie. Het kan ook zorgen dat u minder snel dingen doet zonder er bij na te denken (impulsief gedrag).
Dit medicijn wordt gebruikt voor de behandeling van aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit (ADHD). Als uw kind ADHD heeft, is het snel afgeleid. Uw kind is ook drukker en doet dingen zonder er bij na te denken.
- Dit medicijn wordt gebruikt bij kinderen en jongeren van 6 tot en met 17 jaar.
- Dit medicijn wordt niet gebruikt bij alle kinderen met ADHD.
- Dit medicijn wordt alleen gebruikt als een ander medicijn niet goed genoeg werkte. Dit medicijn heet methylfenidaat.
-
Het medicijn wordt gegeven als onderdeel van een behandelingsprogramma dat vaak de volgende onderdelen bevat:
O Behandeling die te maken heeft met gedrag (psychologische therapie).
O Behandeling die te maken heeft met opvoeding en onderwijs (educatieve therapie).
O Behandeling die te maken heeft met het omgaan met andere mensen (sociale therapie).
Dit medicijn wordt alleen gestart en gebruikt door een arts die veel weet over problemen in gedrag bij kinderen of jongeren tot 18 jaar.
Worden de klachten van uw kind na een maand niet minder, of worden ze zelfs erger? Neem dan contact op met uw arts. Uw arts kan besluiten dat een andere behandeling nodig is.
Advertentie
Wat moet u weten voordat u Attenfarm 10 mg tabletten gebruikt?
Wanneer mag uw kind dit medicijn niet gebruiken?
Uw kind
- is allergisch voor dexamfetamine of andere amfetaminen of een van de stoffen in dit medicijn. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6 van deze bijsluiter.
- heeft een ziekte van de schildklier.
- heeft een hoge druk in de ogen (glaucoom).
- heeft een tumor van de bijnieren (feochromocytoom).
- heeft een eetziekte, heeft geen honger of wil niet eten (bijvoorbeeld anorexia nervosa).
- heeft een hele hoge bloeddruk of smallere bloedvaten, waardoor pijn in de armen en benen kan ontstaan.
- heeft erge verkalking van de aderen (arteriosclerose). De slagaderen zijn smaller of verstopt. Een slagader is een soort bloedvat.
- heeft ooit hartproblemen gehad. Zoals een hartaanval, onregelmatige hartslag, pijn en een vervelend gevoel op de borst, het hart pompt het bloed minder goed rond (hartfalen), hartziekte of is geboren met een hartprobleem.
- heeft ooit een probleem gehad met de bloedvaten in de hersenen. Zoals een beroerte, een dunne en zwakke plek in een slagader en de slagader wordt wijder (aneurysma), smalle of verstopte bloedvaten, of ontsteking van de bloedvaten (vasculitis).
-
heeft geestelijke problemen zoals:
- een psychopathische of borderline persoonlijkheidsstoornis
- afwijkende gedachten of visioenen of een erge ziekte met psychoses (schizofrenie)
- klachten van een erge stemmingsstoornis zoals:
- gevoelens over zelfmoord
- erge depressie
- heel erg blij zijn, weinig slaap nodig hebben en veel energie hebben (manie)
- stemmingswisselingen (van heel erg vrolijk naar somber. Dit heet een bipolaire stoornis)
-
gebruikt nu of heeft in de afgelopen 14 dagen een medicijn gebruikt dat een
monoamineoxidaseremmer (MAO-remmer) wordt genoemd. Dit medicijn wordt gebruikt tegen depressie. Zie ook hieronder de rubriek “Gebruikt u nog andere medicijnen?”. - heeft ooit misbruik gemaakt van alcohol, medicijnen op recept of straatdrugs.
- heeft een ziekte waarbij uw kind last heeft van tics (het syndroom van Gilles de la Tourette). Tics zijn bewegingen of geluiden die uw kind maakt zonder dat uw kind dat zelf wil. Uw kind kan ze niet of heel moeilijk tegenhouden. Of als uw kind andere tics heeft tijdens het bewegen of praten.
- moeilijk te bedwingen, herhaalde trekkingen van delen van het lichaam of herhalen van geluiden en woorden
- heeft een ziekte van de stofwisseling (porfyrie)
Heeft uw kind een van de klachten die hierboven staan? Gebruikt dit medicijn dan niet. Twijfelt u? Neem dan contact op uw arts of apotheker voordat uw kind dit medicijn gebruikt. Dit medicijn kan de klachten erger maken.
Wanneer moet uw kind extra voorzichtig zijn met dit medicijn?
Neem contact op met uw arts of apotheker voordat uw kind dit medicijn gebruikt als uw kind:
- een ziekte heeft van het bloed of de lever, of problemen met de nieren
- heel snel boos wordt of een instabiele persoonlijkheid heeft
- een aanval van epilepsie heeft gehad (toevallen, stuipen). Epilepsie is een ziekte van de hersenen. Of afwijkende hersenscans (EEG’s) heeft gehad
- een meisje is en ongesteld is geworden (zie de rubriek “Zwangerschap en borstvoeding” hieronder)
- een hoge bloeddruk heeft
- een hartziekte heeft die niet in de rubriek “Wanneer mag uw kind dit middel niet gebruiken?” hierboven staat
- een geestelijke ziekte heeft die niet in de rubriek “Wanneer mag uw kind dit middel niet gebruiken?” hierboven staat. Zoals: algemene stemmingswisselingen, afwijkende agressie, dingen zien, voelen of horen die er niet zijn (hallucinaties), dingen geloven of denken die niet
kloppen (wanen), mensen minder vertrouwen zonder dat daar een goede reden voor is (paranoia), onrustig zijn (agitatie) en angst, schuldgevoelens of depressie.
Heeft uw kind een van de klachten die hierboven staan? Neem contact op met uw arts of apotheker voordat u aan de behandeling begint. Dit medicijn kan deze klachten erger maken. Uw arts zal willen controleren hoe het medicijn bij uw kind werkt.
Controles die uw arts uitvoert voordat dit medicijn gebruikt wordt
Uw arts voert deze controles uit om te kijken of dit het goede medicijn voor uw kind is. Uw arts zal met u praten over:
- andere medicijnen die uw kind inneemt
- familieleden die ooit plotseling, zonder reden zijn dood gegaan
- alle andere medische problemen (zoals hartproblemen) die u en uw familie misschien hebben
- hoe uw kind zich voelt. Voelt uw kind zich bijvoorbeeld heel vrolijk of juist verdrietig? Heeft uw kind vreemde gedachten, of heeft uw kind dit soort gevoelens gehad?
- familieleden die ooit last hebben gehad van het maken van bewegingen of geluiden zonder dat zelf te willen (tics). De bewegingen zijn niet of heel moeilijk tegenhouden.
- geestelijke problemen of problemen met gedrag die u of uw familieleden ooit hebben gehad.
Uw arts zal vertellen of uw kind kans heeft op stemmingswisselingen (van heel vrolijk tot somber. Dit wordt een bipolaire stoornis genoemd). Uw arts controleert of uw kind ooit geestelijke problemen heeft gehad. Uw arts controleert ook of familieleden ooit zelfmoord hebben gepleegd, of een bipolaire stoornis of depressie hebben gehad.
Het is belangrijk dat u zoveel mogelijk informatie geeft. Uw arts kan dan besluiten of dit het goede medicijn voor uw kind is. Uw arts kan besluiten dat er meer medische onderzoeken nodig zijn voordat uw kind dit medicijn kan gaan gebruiken.
Invloed op gewicht/groei
Dit medicijn kan bij sommige kinderen en jongeren tot 18 jaar zorgen dat ze gewicht verliezen.
- Het gewicht kan minder stijgen.
- Uw arts zal heel goed letten op de lengte en het gewicht van uw kind. Uw arts zal ook letten op hoe goed uw kind eet.
- Groeit uw kind niet zoals verwacht? Dan kan uw arts de behandeling met dit medicijn voor korte tijd stoppen.
Een operatie ondergaan
Wordt uw kind geopereerd? Vertel het uw arts. Dit medicijn moet niet worden ingenomen op de dag van de operatie als er een bepaald type medicijn wordt gebruikt om uw kind in slaap te brengen. Er is dan kans op een plotselinge stijging van de bloeddruk tijdens de operatie.
Reacties tussen dit medicijn en laboratoriumtests
Dit medicijn kan invloed hebben op de uitslagen van laboratoriumtests.
Kinderen en jongeren tot 18 jaar
Dit medicijn wordt niet gebruikt voor de behandeling van ADHD bij kinderen jonger dan 6 jaar en volwassenen. Het is niet bekend of dit medicijn veilig is of goed werkt voor deze mensen.
Gebruikt u nog andere medicijnen?
Gebruikt uw kind naast Attenfarm nog andere medicijnen, heeft het dat kort geleden gedaan of gaat het dit misschien binnenkort doen? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Vertel het ook als uw kind medicijnen heeft gebruikt die zonder recept verkrijgbaar zijn.
Monoamineoxidaseremmers
Gebruikt uw kind of heeft uw kind in de afgelopen 14 dagen een medicijn gebruikt dat een ‘monoamineoxidaseremmer’ (MAO-remmer) wordt genoemd? Gebruik Attenfarm dan niet. MAO-
remmers worden gebruikt tegen depressie. Het gebruik van een MAO-remmer samen met dexamfetamine kan zorgen voor een plotselinge stijging van de bloeddruk.
Als uw kind andere medicijnen gebruikt, kan Attenfarm invloed hebben op hoe deze medicijnen werken of zorgen voor bijwerkingen. Gebruikt uw kind één van de volgende medicijnen? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat uw kind Attenfarm gaat gebruiken:
- andere medicijnen tegen depressie, bijvoorbeeld tricyclische antidepressiva en selectieve serotonineheropnameremmers
- medicijnen voor erge psychische problemen, bijvoorbeeld fenothiazine en haloperidol
- medicijnen tegen epilepsie, bijvoorbeeld anticonvulsiva zoals fenobarbital, fenytoïne, primidon en ethosuximide
- medicijnen die helpen bij het stoppen met alcohol, bijvoorbeeld disulfiram
- medicijnen om de bloeddruk lager of hoger te maken, bijvoorbeeld guanethidine, clonidine, reserpine of alfa-methyltyrosine, of medicijnen die zorgen dat het hart langzamer klopt en de bloeddruk omlaag gaat (bètablokkers), zoals propranolol
- sommige medicijnen tegen hoesten en verkoudheid bevatten medicijnen die invloed hebben op de bloeddruk. Het is belangrijk om contact op te nemen met uw apotheker als u één van deze medicijnen koopt.
- medicijnen die het bloed dunner maken om klonten in het bloed te voorkomen, bijvoorbeeld cumarine-anticoagulantia
- medicijnen die glutaminezuur HCl, ascorbinezuur, ammoniumchloride, natriumzuurfosfaat, natriumbicarbonaat, acetazolamide of thiaziden bevatten
- één van de volgende medicijnen: medicijnen die zorgen dat het hart langzamer klopt en de bloeddruk omlaag gaat (bètablokkers), medicijnen tegen allergie (antihistaminica), lithium, noradrenaline, morfine en meperidine
Twijfelt u of uw kind een van de medicijnen hierboven gebruikt? Vraag dan uw arts of apotheker om advies voordat uw kind dit medicijn gebruikt.
Waarop moet u letten met alcohol?
Uw kind mag geen alcohol innemen tijdens het gebruik van dit medicijn. Denk eraan dat er alcohol kan zitten in bepaald eten en medicijnen.
Zwangerschap en borstvoeding
De beschikbare gegevens over het gebruik van dexamfetamine tijdens de eerste drie maanden van de zwangerschap laten geen grotere kans op afwijkingen van het kind bij de geboorte zien. Er is wel een grotere kans op zwangerschapsvergiftiging (een ziekte die meestal na 20 weken zwangerschap
voorkomt. De ziekte is te herkennen aan een hoge bloeddruk en eiwit in de urine). Er is ook een grotere kans dat de baby te vroeg wordt geboren. Pasgeboren baby’s die tijdens de zwangerschap in
aanraking zijn gekomen met amfetamine, kunnen klachten van ontwenning hebben (veranderingen in gedrag, zoals heel veel huilen, stemmingswisselingen of geïrriteerd zijn, erg gevoelig zijn en heel erg uitgeput zijn).
Is uw dochter zwanger, denkt ze zwanger te zijn, wil ze zwanger worden of geeft ze borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat ze dit medicijn gebruikt.
- Uw arts zal vertellen over middelen die zorgen dat ze niet zwanger wordt (anticonceptie).
- Is uw dochter zwanger? Dan moet ze misschien stoppen met het gebruik van dit medicijn.
- Dit medicijn komt misschien in de moedermelk terecht. Uw arts zal daarom besluiten of uw dochter moet stoppen met het geven van borstvoeding of moet stoppen met het innemen van dit medicijn.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Gebruikt uw kind dit medicijn? Dan kan uw kind zich bij gebruik van dit medicijn duizelig voelen, niet goed scherp zien of wazig zien. Heeft uw kind hier last van? Dan kan het gevaarlijk zijn om dingen te doen zoals autorijden, machines gebruiken, fietsen, paardrijden of in bomen klimmen.
Attenfarm bevat isomalt (E953)
Heeft uw arts u verteld dat uw kind bepaalde suikers niet verdraagt? Neem dan contact op met uw arts voordat uw kind dit medicijn inneemt.
Hoe wordt Attenfarm 10 mg tabletten gebruikt?
Hoe gebruikt u dit medicijn?
Hoeveel van dit medicijn moet uw kind innemen?
Gebruik dit medicijn altijd precies zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
De normale geadviseerde dosering ligt tussen 5 mg en 20 mg.
Uw arts start de behandeling meestal met een lage dosis van 1 tablet van 5 mg. Als het nodig is wordt dit iedere week langzaam verhoogd met 1 tablet van 5 mg.
De maximale dagelijkse dosis is 20 mg (in zeldzame gevallen kan 40 mg nodig zijn).
Uw arts beslist of het medicijn 1 of 2 keer per dag moet worden ingenomen. Dit hangt af van de klachten op verschillende tijdstippen van de dag.
Hoe neemt uw kind dit medicijn in?
Dit medicijn moet via de mond worden ingenomen (oraal gebruik).
Uw kind moet dit medicijn met wat water innemen. Het liefst met of vlak na eten. Dit medicijn moet op hetzelfde moment voor, tijdens of na het eten worden ingenomen. De laatste dosis moet meestal niet lang na de lunch worden ingenomen. Dit voorkomt problemen bij het in slaap vallen.
De tabletten hebben een breukstreep. Als het nodig is, kunnen de tabletten worden gebroken. De breukstreep is bedoeld om de tablet te breken als uw kind de tabletten niet heel door kan slikken. De breukstreep is ook bedoeld om de tabletten makkelijk in gelijke doseringen te verdelen. Om de tablet te breken, legt u de tablet op een hard oppervlak met de gladde kant met de kruisvormige breukstrepen naar beneden. Druk voorzichtig met uw wijsvinger in het midden van de bovenkant. De tablet breekt dan in vier stukken.
Voelt uw kind zich niet beter? Neem dan contact op met uw arts. De arts kan beslissen dat een andere behandeling nodig is.
Langetermijnbehandeling
Uw arts beslist hoe lang de behandeling zal worden gegeven. Gebruikt uw kind dit medicijn langer dan een jaar? Dan moet uw arts de behandeling kort stop zetten, bijvoorbeeld in de schoolvakantie. Dan kan de arts kijken of het medicijn nog langer moet worden gebruikt.
Onjuist gebruik van dit medicijn
Als dit medicijn niet goed wordt gebruikt, kan het voor afwijkend gedrag zorgen. Uw kind kan ook verslaafd aan het medicijn worden. Heeft uw kind ooit last gehad van misbruik van of verslaving aan alcohol, medicijnen op recept of straatdrugs? Vertel het dan aan uw arts.
Dit medicijn is alleen voor uw kind. Geef dit medicijn niet aan iemand anders. Zelfs niet als de klachten op elkaar lijken.
Heeft uw kind te veel van dit medicijn ingenomen?
Neem contact op met een arts of bel meteen een ambulance. Vertel hoeveel tabletten uw kind heeft ingenomen. Laat de verpakking of deze bijsluiter aan de arts zien. Een overdosering van deze tabletten kan heel erg zijn.
Klachten van overdosering kunnen zijn: opwinding, dingen zien, voelen of horen die er niet zijn (hallucinaties), aanvallen van epilepsie (convulsies, toevallen, stuipen) die tot coma leiden, onregelmatige en snelle hartslag en minder goed kunnen ademen.
Is uw kind vergeten dit medicijn te in te nemen?
Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen. Vergeet uw kind een dosis? Wacht dan tot het tijd is voor de volgende dosis.
Als uw kind stopt met het innemen van dit medicijn
Stopt uw kind plotseling met het innemen van dit medicijn? Dan kan dit zorgen voor klachten zoals heel erg moe zijn, depressie, stemmingswisselingen, opwinding, niet goed kunnen slapen, heel veel zin in eten hebben of bewegingen maken zonder hier over na te denken. Uw arts zal de dagelijkse dosis van het medicijn langzaam willen afbouwen, voordat uw kind er helemaal mee stopt. Neem contact op met uw arts voordat uw kind stopt met dit medicijn.
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit medicijn? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Advertentie
Wat zijn de bijwerkingen van Attenfarm 10 mg tabletten?
Zoals elk medicijn kan ook dit medicijn bijwerkingen hebben. Niet iedereen krijgt daarmee te maken. Uw arts zal deze bijwerkingen met u bespreken.
Krijgt uw kind last van een van de volgende klachten? Stop met het gebruik van dit medicijn. Neem meteen contact op met een arts of ga naar de spoedeisende hulp:
- dingen horen, zien of voelen dier er niet zijn (hallucinaties), psychose / psychotische reacties, zichzelf willen doden (zeer zelden: komen voor bij minder dan 1 op de 10.000 gebruikers)
- erge allergische reacties met zwelling van het gezicht, de tong of de keel; problemen met slikken; uitslag op de huid met roze bulten en erge jeuk (netelroos) en problemen met ademhalen (angio-oedeem/anafylaxie) (Niet bekend: kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)
- niet normale afbraak van spieren met klachten als spierpijn zonder reden, kramp in spieren of zwak gevoel in spieren (rabdomyolyse) (Niet bekend: kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)
Overige bijwerkingen
Zeer vaak: komen voor bij meer dan 1 op de 10 gebruikers
- minder zin in eten, minder in gewicht aankomen en gewicht verliezen bij gebruik voor lange tijd bij kinderen
- problemen met slapen
- nerveus zijn
Vaak: komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruikers
- onregelmatige of versnelde hartslag, de hartslag valt meer op
- pijn en/of krampen in de buik, misselijk zijn, overgeven, droge mond. Deze klachten beginnen meestal aan het begin van de behandeling en kunnen minder worden door het medicijn met eten in te nemen.
- veranderingen van bloeddruk en hartslag (wordt meestal hoger)
- pijn in gewrichten
- duizelig zijn of draaierig gevoel, trekkende bewegingen of onvrijwillige bewegingen maken, hoofdpijn, heel erg druk zijn
- afwijkend gedrag, agressie, opwinding, eetziekte waarbij iemand expres gewicht verliest door te weinig te eten (anorexia), angst, depressie, prikkelbaar zijn
Zelden: komen voor bij minder dan 1 op de 1.000 gebruikers
- drukkend, pijnlijk gevoel op de borst (angina pectoris)
- problemen met scherp zien en focussen, wazig zien, grotere pupillen
- kinderen die dit medicijn voor lange tijd gebruiken, groeien minder
- moe zijn
- huiduitslag, uitslag op de huid met roze bulten en erge jeuk (netelroos)
Zeer zelden: komen voor bij minder dan 1 op de 10.000 gebruikers
- minder rode bloedcellen. De huid wordt hierdoor heel licht en uw kind kan last krijgen van een zwak gevoel en niet goed kunnen ademen. Het aantal bloedcellen kan ook veranderen (leukopenie, trombocytopenie, trombocytopenische purpura)
- hartstilstand
- een ziekte die te herkennen is aan tics (het syndroom van Gilles de la Tourette). Tics zijn bewegingen of geluiden die uw kind maakt zonder dat uw kind dat zelf wilt. Uw kind kan ze niet of heel moeilijk tegenhouden
- de lever werkt niet zo goed als normaal. Dit kan zorgen voor klachten zoals meer leverenzymen tot een coma van de lever.
- kramp in spieren
- aanvallen van epilepsie (convulsies, toevallen, stuipen), bewegingen maken zonder hier over na te denken (choreoathetoïde bewegingen), bloeding in de schedel (intracraniale bloeding)
- zelfmoord, bewegingen of geluiden die uw kind maakt zonder dat uw kind dat zelf wilt (tics), het erger worden van tics die uw kind al heeft
- jeukende rode plekken op de huid (multiform erytheem) of een ontsteking van de huid met schilfers (exfoliatieve dermatitis), huiduitslag die steeds op dezelfde plek terug komt elke keer dat het medicijn wordt ingenomen (vaste medicijneruptie)
- ontsteking en/of verstopping van de bloedvaten van het ruggenmerg en hersenen (cerebrale vasculitis)
Niet bekend: kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald
- ziekte van de hartspier (cardiomyopathie), hartaanval
- ontsteking van delen van de dikke darm omdat er te weinig bloed naar de dikke darm stroomt (ischemische colitis), diarree
- pijn op de borst, minder snel groeien als dit medicijn voor lange tijd wordt gebruikt, hogere lichaamstemperatuur, allergische reacties, plotse dood
- zuur bloed (acidose)
- problemen met bewegen (ataxie), duizelig zijn, u proeft smaken anders dan normaal, problemen met concentreren, spieren bewegen te heftig zonder dat uw kind het wil (hyperreflexie), beroerte, trillen (tremor)
- in de war zijn, afhankelijk zijn, somber of snel boos zijn, soms samen met bang zijn of onrustig zijn (dysforie), heel erg emotioneel reageren, zich heel vrolijk voelen (euforie), niet goed kunnen leren en onthouden (gestoorde cognitieve testprestatie), meer of minder zin in seks hebben, bang zijn in de nacht, obsessief-compulsief gedrag, paniekaanvallen, het gevoel in de gaten gehouden, achtervolgd of bedreigd te worden, zonder dat zoiets daadwerkelijk het geval is (paranoia), rusteloos zijn
- beschadiging van de nieren
- geen stijve penis krijgen bij seksuele opwinding (impotentie)
- zweten, haaruitval
- uw bloed stroomt niet meer goed rond
- vingers en tenen voelen verdoofd, tintelen en veranderen van kleur (van wit naar blauw, dan rood) als het koud is (syndroom van Raynaud)
Het melden van bijwerkingen
Krijgt uw kind last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook melden via het Nederlands Bijwerkingencentrum Lareb, website: www.lareb.nl. Door bijwerkingen te melden, helpt u ons om meer informatie te krijgen over de veiligheid van dit medicijn.
Hoe bewaart u Attenfarm 10 mg tabletten?
Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.
Gebruik dit medicijn niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die vindt u op de blisterverpakking en de doos na “EXP”. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste
houdbaarheidsdatum.
Attenfarm 5 mg:
Bewaren beneden 25°C.
Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen vocht.
Attenfarm 10 mg, 20 mg:
Voor dit medicijn zijn er geen speciale bewaarcondities.
Spoel medicijnen niet door de gootsteen of de wc en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met medicijnen moet doen die u niet meer gebruikt. Als u medicijnen op de juiste manier afvoert worden ze op een juiste manier vernietigd en komen ze niet in het milieu terecht.
Meer informatie over Attenfarm 10 mg tabletten
Welke stoffen zitten er in dit medicijn?
De werkzame stof in dit medicijn is 5 mg, 10 mg of 20 mg dexamfetaminesulfaat.
De andere stoffen in dit medicijn zijn:
- Attenfarm 5 mg: isomalt (E953), magnesiumstearaat (E470b), crospovidon (E1202)
- Attenfarm 10 mg: isomalt (E953), magnesiumstearaat (E470b)
- Attenfarm 20 mg: isomalt (E953), magnesiumstearaat (E470b)
Hoe ziet Attenfarm eruit en wat zit er in een verpakking?
Attenfarm 5 mg:
Witte tot gebroken-witte klaverbladvormige tabletten met een diameter van 8 mm, met een diepe,
kruisvormige breukstreep aan de bovenkant van de tablet en een ondiepe, kruisvormige breukstreep aan de onderkant van de tablet. Elk kwart van de onderkant van de tablet heeft de inscriptie “S”.
De breukstrepen zijn bedoeld om de tabletten in gelijke doseringen te verdelen en het inslikken makkelijker te maken.
Attenfarm 10 mg:
Witte tot gebroken-witte klaverbladvormige tabletten met een diameter van 8 mm, met een diepe,
kruisvormige breukstreep aan de bovenkant van de tablet en een ondiepe, kruisvormige breukstreep aan de onderkant van de tablet. Elk kwart van de onderkant van de tablet heeft de inscriptie “M”.
De breukstrepen zijn bedoeld om de tabletten in gelijke doseringen te verdelen en het inslikken makkelijker te maken.
Attenfarm 20 mg:
Witte tot gebroken-witte klaverbladvormige tabletten met een diameter van 8 mm, met een diepe,
kruisvormige breukstreep aan de bovenkant van de tablet en een ondiepe, kruisvormige breukstreep aan de onderkant van de tablet. Elk kwart van de onderkant van de tablet heeft de inscriptie “L”.
De breukstrepen zijn bedoeld om de tabletten in gelijke doseringen te verdelen en het inslikken makkelijker te maken.
Verpakkingsgrootten
Attenfarm 5 mg: 20, 28, 30, 50, 98 of 100 tabletten in PVC/PVdC/Alu-blisterverpakkingen.
Dexfarm Dexfarm Attenfarm 5/10/20 mg tabletten Dexfarm Dexfarm
Attenfarm 10 mg: 20, 30, 48 of 50 tabletten in PVC/PVdC/Alu-blisterverpakkingen. Attenfarm 20 mg: 20, 28 of 30 tabletten in PVC/PVdC/Alu-blisterverpakkingen.
Het is mogelijk dat niet alle verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
In het register ingeschreven onder:
Attenfarm 5 mg: RVG 131133
Attenfarm 10 mg: RVG 131135
Attenfarm 20 mg: RVG 131136
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant
Vergunninghouder: Orifarm Healthcare A/S Energivej 15
5260 Odense S Denemarken info-NL@orifarm.com
Fabrikant:
Orifarm Manufacturing Poland Sp z o.o, Ul. Ksiestwa Lowickiego 12
99-420 Lyszkowice Polen
Dit medicijn is geregistreerd in lidstaten van de Europese Economische Ruimte onder de volgende namen:
Denemarken Finland Nederland Noorwegen Zweden
Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in mei 2025.
Andere informatiebronnen
Meer informatie over dit medicijn kunt u vinden op de website van het Nederlandse College ter Beoordeling van Geneesmiddelen www.cbg-meb.nl
Redactionele principes
Alle informatie is afkomstig van gecontroleerde bronnen (erkende instellingen, specialisten, studies van gerenommeerde universiteiten). Wij hechten veel waarde aan de kwalificatie van de auteurs en de wetenschappelijke onderbouwing van de informatie.


