Inhoud
In het kort
1/16 Depakine i.v. 400 PIL 221025 Depakine i.v. 400 behoort tot de groep van geneesmiddelen gebruikt bij de behandeling van epilepsie , de zogenaamde anti-epileptica. Depakine i.v. 400 is werkzaam bij verschillende vormen van epilepsie (“vallende ziekte”) zowel alleen als in combinatie met andere geneesmiddelen.
- Werkzame stof(fen)
- Valproïnezuur
- Vergunninghouder
- Sanofi B.V. Paasheuvelweg 25 1105 BP AMSTERDAM
- ATC-code
- N03AG01
- Indicaties
- Rusteloze Benen SyndroomEpilepsie
Deze samenvatting vervangt de bijsluiter of medisch advies niet.
Advertentie
Patiëntenbijsluiter
Waarvoor wordt Depakine i.v. 400, poeder voor injectievloeistof 400 mg gebruikt?
1/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Depakine i.v. 400 behoort tot de groep van geneesmiddelen gebruikt bij de behandeling van epilepsie,
de zogenaamde anti-epileptica.
Depakine i.v. 400 is werkzaam bij verschillende vormen van epilepsie (“vallende ziekte”) zowel alleen als in combinatie met andere geneesmiddelen.
Advertentie
Wat moet u weten voordat u Depakine i.v. 400, poeder voor injectievloeistof 400 mg gebruikt?
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?
- Als u zwanger bent, gebruik Depakine dan niet tegen uw epilepsie. Behalve als er echt geen andere behandeling bij u werkt.
-
Als u zwanger kunt worden, gebruik dan tijdens de hele behandeling met Depakine een betrouwbaar anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel). Anders mag u Depakine niet
gebruiken tegen uw epilepsie. Stop niet ineens met het gebruik van Depakine, maar bespreek dit eerst met uw arts (zie ook “Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid – Belangrijk advies voor vrouwen”).
- U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.
- Als u bekend is dat in uw familie beschadiging van de lever is voorgekomen door het gebruik van een geneesmiddel met valproaat, natriumvalproaat of valproïnezuur als werkzaam bestanddeel.
- Als u lijdt aan een stoornis van de functie van de lever of de alvleesklier.
- Als u een bijzondere aanleg voor het optreden van bloedingen heeft.
- Als bij u de ziekte porfyrie (een erfelijke afwijking in de aanmaak van de grondstof voor rode bloedlichaampjes) is vastgesteld.
- Als u een genetisch probleem hebt dat wordt veroorzaakt door een mitochondriale aandoening (bijv. het syndroom van Alpers-Huttenlocher).
- Als u een stofwisselingstoornis heeft (in dit geval een stoornis in de ureumcyclus).
- Als u een tekort aan carnitine heeft (een zeer zeldzame stofwisselingsziekte) waarvoor u niet behandeld wordt.
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?
Neem contact op met uw arts of apotheker voordat u dit middel gebruikt.
BRENG UW ARTS ONMIDDELLIJK OP DE HOOGTE:
Het is mogelijk dat door gebruik van Depakine i.v. 400 de lever ernstig wordt beschadigd, soms met fatale afloop. Daarom moet men voorzichtig zijn bij patiënten die al een stoornis van de lever en/of stoornissen in de stofwisseling hebben. Voor de start met Depakine i.v. 400 en gedurende de eerste zes maanden van de behandeling dient de functie van de lever gecontroleerd te worden (door regelmatig bloed te laten prikken).
Bij kinderen zijn gevallen van zeer ernstige beschadiging van de lever voorgekomen, met name tijdens de eerste zes maanden van de behandeling.
De kans hierop is groter bij kinderen jonger dan 3 jaar met ernstige epilepsie en in het bijzonder bij epilepsie in combinatie met een verstandelijke handicap, hersenbeschadiging, stofwisselingsafwijkingen of een stoornis van de lever. Het risico is ook groter wanneer verschillende middelen tegen epilepsie tegelijk worden gebruikt of wanneer u andere neurologische of stofwisselingsaandoeningen en ernstige vormen van epilepsie heeft, met name bij zeer jonge kinderen. Het is van groot belang zo vroeg mogelijk een eventuele leverbeschadiging te herkennen. Verschijnselen die hier op kunnen wijzen zijn: algemene lichaamszwakte, gebrek aan eetlust, lusteloosheid, slaperigheid, soms samen met herhaald braken en buikpijn, optreden van stoornissen in de bloedstolling (bijvoorbeeld gemakkelijk optreden van blauwe plekken, wondjes die langer bloeden dan normaal), geelzucht en het weer optreden van de aanvallen of verergeren van de aanvallen. Mocht u deze verschijnselen herkennen, dan dient u onmiddellijk contact op te nemen met uw arts.
2/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Bij kinderen onder de drie jaar wordt het afgeraden om tegelijk met Depakine i.v. 400 geneesmiddelen te gebruiken die acetylsalicylzuur (een stof die in veel geneesmiddelen aanwezig is om pijn te verlichten en koorts te verlagen) bevatten, vanwege een grotere kans op beschadiging van de lever.
Bij plotselinge buikpijn dient u meteen contact op te nemen met uw arts. Dit kan wijzen op een ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis) en kan fataal aflopen (zie ook rubriek 4).
Als u of uw kind dat Depakine gebruikt problemen krijgt met het evenwicht en de coördinatie, slaperigheid, zich lusteloos of minder alert voelt, of moet braken, moet u dit onmiddellijk aan uw arts vertellen. Dit kan het gevolg zijn van een verhoogde hoeveelheid ammoniak in het bloed. Dit is meestal te herkennen aan een ammoniakgeur van de urine. U dient uw arts onmiddellijk op de hoogte te stellen indien bovengenoemde klachten zich voordoen of wanneer u zich onwel voelt. Zonder overleg met uw arts dient u de inname van Depakine i.v. 400 niet zelf te stoppen.
Een klein aantal mensen, dat behandeld werd met anti-epileptica zoals Depakine i.v. 400, heeft ook gedachten gehad over zelfbeschadiging of zelfmoord. Als u op enig moment dergelijke gedachten heeft, neem dan direct contact op met uw arts.
Er zijn ernstige huidreacties gemeld in verband met de behandeling met valproaat, waaronder Stevens- Johnson-syndroom, toxische epidermale necrolyse, geneesmiddelreactie met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS), erythema multiforme en angio-oedeem. Roep onmiddellijk medische hulp in als u een van de verschijnselen opmerkt die verband houden met deze ernstige huidreacties, beschreven in rubriek 4.
Voordat u dit geneesmiddel gebruikt, moet u het volgende met uw arts bespreken
- Als u weet of als uw arts vermoedt dat er in uw familie een genetisch probleem is dat wordt veroorzaakt door een mitochondriale aandoening, vanwege het risico op schade aan uw lever.
- Als het vermoeden bestaat dat u aan een stofwisselingsstoornis lijdt, met name erfelijke enzymtekortstoornissen zoals een “stoornis in de ureumcyclus”, vanwege het risico op een verhoogd ammoniakgehalte in het bloed,
- Als u aan de zeldzame aandoening “carnitinepalmitoyltransferase (CPT)-type-II-deficiëntie” lijdt, omdat u dan een verhoogd risico loopt op spieraandoeningen(afbraak van uw spierweefsel met spierkrampen), koorts en roodbruine verkleuring van de urine (rabdoymyolyse) als u dit middel gebruikt,
- Als u verminderde opname heeft uit de voeding van carnitine, dat voorkomt in vlees en zuivelproducten, vooral bij kinderen jonger dan 10 jaar,
- Als u een tekort aan carnitine heeft en carnitine gebruikt.
- Als u ooit ernstige huiduitslag of afschilfering van de huid, blaarvorming en/of mondzweren heeft gekregen na het gebruik van valproaat.
Omdat het mogelijk is dat wondjes langer bloeden dan gewoonlijk, wordt aangeraden om bij chirurgische of tandheelkundige ingrepen (trekken van kiezen en tanden) uw arts of tandarts op de hoogte te stellen van het feit dat u Depakine i.v. 400 gebruikt.
Vertel uw arts dat u Depakine i.v. 400 gebruikt wanneer uw urine wordt getest op ketonen (stoffen die vrijkomen als het lichaam vet verbrandt in plaats van suiker). Als u dit middel gebruikt kunnen deze testen een verkeerde uitslag geven.
3/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Depakine i.v. 400 kan, zij het zelden, een ontstekingsachtige ziekte van de huid en (of) ingewanden (systemische lupus erythematosus) opwekken of verergeren.
Breng uw arts op de hoogte indien uw gewicht in het begin van de behandeling toeneemt. Dit kan een risicofactor zijn voor het voorkomen van veel cystes op de eierstokken.
Wanneer u een geneesmiddel tegen epilepsie gebruikt kunnen in zeldzame gevallen de aanvallen erger worden of vaker optreden. Neem direct contact op met uw arts als dit gebeurt.
Raadpleeg uw arts indien één van de bovenstaande waarschuwingen op u van toepassing is, of dat in het verleden is geweest.
Waarop moet u letten met alcohol?
Tijdens de behandeling met dit middel wordt inname van alcohol afgeraden.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?
Gebruikt u naast Depakine i.v. 400 nog andere geneesmiddelen, heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder recept kunt verkrijgen. Sommige geneesmiddelen kunnen namelijk elkaars werking beïnvloeden of mogen om andere redenen niet gelijktijdig worden gebruikt. Sommige andere geneesmiddelen kunnen de effecten van valproaat beïnvloeden of andersom. Deze omvatten:
Carbapenems (antibiotica die worden gebruikt om bacteriële infecties te behandelen).
Oestrogeen bevattende producten (inclusief sommige anticonceptie pillen).
Cannabidiol (dat wordt gebruikt om epilepsie en andere aandoeningen te behandelen).
Methotrexaat (dat wordt gebruikt om kanker en ontstekingsziekten te behandelen).
Sommige ontstekingsremmende middelen die pivalaat bevatten (bijv. pivampicilline, adefovir dipivoxil).
Clozapine (voor de behandeling van psychische aandoeningen).
Bij gebruik van Depakine i.v. 400 is het voorgekomen dat de tijd die een wondje nodig had om te stoppen met bloeden, langer was dan gewoonlijk. Om deze reden wordt het afgeraden om bepaalde geneesmiddelen te gebruiken die datzelfde effect hebben. Dit zijn bijvoorbeeld middelen die de bloedstolling tegengaan en middelen waar acetylsalicylzuur (een stof die in veel geneesmiddelen aanwezig is om pijn te verlichten en koorts te verlagen) in zit. Patiënten die door de trombosedienst gecontroleerd worden, moeten daar melden dat zij Depakine i.v. 400 gebruiken.
Wanneer u naast Depakine i.v. 400 geneesmiddelen gebruikt tegen slaapstoornissen, middelen (antipsychotica (neuroleptica)) tegen psychose (ernstige geestesziekte) en middelen tegen neerslachtigheid (antidepressiva), kan de werking van deze middelen worden versterkt. Wanneer hierdoor bijwerkingen optreden, kan het voorkomen dat de arts de dosering van deze middelen verlaagt. De dosering van Depakine i.v. 400 hoeft in deze gevallen niet aangepast te worden.
Wanneer u naast Depakine i.v. 400 andere middelen tegen epilepsie (anti-epileptica) gebruikt, is het mogelijk dat de werking van Depakine i.v. 400 of van de andere middelen beïnvloed wordt. De dosering van Depakine i.v. 400 of van de andere middelen kan dan door de arts aangepast worden.
Gelijktijdig gebruik van Depakine i.v. 400 met een geneesmiddel met als werkzame stof lamotrigine verhoogt de kans op (ernstige) huidreacties, met name bij kinderen.
4/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Gelijktijdig gebruik van Depakine i.v. 400 met een geneesmiddel met als werkzame stof quetiapine kan de kans op bloedbeeldafwijkingen verhogen.
Andere geneesmiddelen die de werking van Depakine i.v. 400 kunnen beïnvloeden of waarvan de werking door Depakine i.v. 400 beïnvloed kan worden, zijn middelen met een van de volgende werkzame bestanddelen: mefloquine, zidovudine, cimetidine, erythromycine, rifampicine, rufinamide, proteaseremmers zoals lopinavir en ritonavir (gebruikt bij de behandeling van HIV), colestyramine, nimodipine en propofol (gebruikt bij anesthesie) en metamizol (gebruikt om pijn en koorts te behandelen).
Er is geen invloed van Depakine i.v. 400 op de werking van hormonale anticonceptie ("de pil") te verwachten.
Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.
Belangrijk advies voor vrouwen
- Als u zwanger bent, gebruik Depakine dan niet tegen uw epilepsie. Behalve als er echt geen andere behandeling bij u werkt.
- Als u zwanger kunt worden, gebruik dan tijdens de hele behandeling met Depakine een betrouwbaar anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel). Anders mag u Depakine niet gebruiken tegen uw epilepsie.
- Stop niet ineens met het gebruik van Depakine, maar bespreek dit eerst met uw arts.
De risico’s van het gebruik van valproaat tijdens de zwangerschap (het maakt daarbij niet uit waar u dit middel voor gebruikt):
- Als u zwanger wilt worden, of als u denkt dat u zwanger bent, maak dan onmiddellijk een afspraak op korte termijn met uw arts om dit te bespreken.
- Elke dosering brengt risico’s met zich mee. Het risico op aangeboren afwijkingen neemt wel toe bij hogere doseringen, zowel bij gebruik van valproaat alleen als bij gebruik in combinatie met andere medicijnen om epilepsie te behandelen.
-
Valproaat kan ernstige aangeboren afwijkingen veroorzaken en kan de lichamelijke en
mentale ontwikkeling van het kind beïnvloeden bij het opgroeien. De vaakst gemelde geboortedefecten zijn onder meer spina bifida (‘open rug’), afwijkingen aan gezicht en schedel, afwijkingen aan hart, nieren, urinewegen en geslachtsorganen, afwijkingen aan de ledematen en meerdere gerelateerde misvormingen van verschillende organen en delen van het lichaam. Geboortedefecten kunnen leiden tot beperkingen die mogelijk ernstig kunnen zijn. - Gehoorproblemen of doofheid zijn gemeld bij kinderen die tijdens de zwangerschap aan valproaat werden blootgesteld.
- Er zijn oogmisvormingen gemeld bij kinderen die tijdens de zwangerschap werden blootgesteld aan valproaat in samenhang met andere aangeboren misvormingen. Deze oogmisvormingen kunnen het gezichtsvermogen aantasten.
-
De kans dat u een kind krijgt met een aangeboren afwijking die medisch behandeld moet worden, is groter als u tijdens de zwangerschap valproaat gebruikt. Valproaat wordt al
jarenlang toegepast. Daardoor is bekend dat bij vrouwen die valproaat gebruiken, ongeveer 11 op de 100 baby’s aangeboren afwijkingen hebben. Bij vrouwen zonder epilepsie is dat ongeveer 2-3 op de 100 baby’s. - De kans dat u een kind krijgt met een ontwikkelingsstoornis tijdens de vroege (voorschoolse) ontwikkeling, is 30-40% als u tijdens de zwangerschap valproaat gebruikt. Deze kinderen kunnen later beginnen met lopen en praten, en moeite hebben met leren, taal en geheugen.
- Bij kinderen waarvan de moeder tijdens de zwangerschap valproaat gebruikte, wordt vaker een autismespectrumstoornis vastgesteld. Ook zijn er gegevens die erop wijzen dat deze
5/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
kinderen een hoger risico lopen op het ontwikkelen van ADHD (een aandachtstekortstoornis; attention-deficit / hyperactivity disorder).
- Als u valproaat inneemt tijdens de zwangerschap, kan uw baby een lager gewicht hebben dan verwacht voor hun leeftijd bij de geboorte. Bij vrouwen die valproaat innemen, kunnen ongeveer 11-15 op de 100 baby's een lager gewicht hebben dan verwacht voor hun leeftijd bij de geboorte. Dit in vergelijking met 5-10 op de 100 baby's geboren bij vrouwen uit de algemene populatie
- Uw arts heeft vóór het voorschrijven van dit middel de risico’s van valproaat voor een ongeboren kind met u besproken. Als op een ander moment besluit dat u zwanger wilt worden, maak dan onmiddellijk een afspraak op korte termijn met uw arts om dit te bespreken. Stop niet ineens met het gebruik van Depakine of uw anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel), maar bespreek dit eerst met uw arts.
- Bent u een ouder of verzorger van een meisje dat valproaat gebruikt, maak dan een afspraak met de behandelend arts zodra zij begint te menstrueren.
- Sommige anticonceptie pillen (oestrogeen bevattende anticonceptie pillen) kunnen de valproaat waarden in uw bloed verlagen. Overleg met uw dokter welke anticonceptie methode het meest geschikt is voor u.
- Als u zwanger wilt worden, bespreek dan ook met uw arts het innemen van foliumzuur. Bij alle zwangerschappen bestaat een kans op spina bifida (‘open rug’) en een vroege miskraam. Gebruik van foliumzuur kan die kans verlagen. Waarschijnlijk vermindert het de kans op een aangeboren afwijking door het gebruik van valproaat niet.
Kies hieronder wat voor u geldt, en lees de bijbehorende informatie:
- IK BEGIN MET DE BEHANDELING MET DEPAKINE
- IK GEBRUIK DEPAKINE EN IK WIL NIET ZWANGER WORDEN
- IK GEBRUIK DEPAKINE EN IK WIL ZWANGER WORDEN
- IK BEN ZWANGER EN IK GEBRUIK DEPAKINE
IK BEGIN MET DE BEHANDELING MET DEPAKINE
Als dit de eerste keer is dat u Depakine krijgt, heeft uw arts vóór het voorschrijven de risico’s met u besproken van valproaat voor een ongeboren kind. Als u zwanger kunt worden, gebruik dan tijdens de hele behandeling met Depakine een betrouwbaar anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel). Als u advies wilt over betrouwbare voorbehoedsmiddelen, bespreek dit dan met uw arts.
Belangrijkste boodschappen:
- Voordat u begint met het gebruik van Depakine, moet zeker zijn dat u niet zwanger bent. Een zwangerschapstest en uw arts moeten dit bevestigen.
- Gebruik een betrouwbaar anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel) tijdens de hele behandeling met Depakine.
- Bespreek met uw arts welke voorbehoedsmiddelen geschikt zijn. Uw arts zal u informatie geven over het voorkomen van een zwangerschap. Zo nodig kan uw arts u hiervoor ook doorverwijzen naar een specialist.
- Maak regelmatig (ten minste een keer per jaar) een afspraak met de arts die u valproaat voorschrijft (voor uw epilepsie). Uw arts bespreekt dan ook de risico’s van het gebruik van valproaat tijdens de zwangerschap. Uw arts gaat met u na of u nog op de hoogte bent van de adviezen hierover.
- Vertel het uw arts als u zwanger wilt worden.
- Vertel het uw arts onmiddellijk als u zwanger bent of als u denkt dat u zwanger bent.
IK GEBRUIK DEPAKINE EN IK WIL NIET ZWANGER WORDEN
Gaat u door met het gebruik van Depakine en bent u niet van plan zwanger te worden, gebruik dan tijdens de hele behandeling met Depakine een betrouwbaar anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel). Als u advies wilt over betrouwbare voorbehoedsmiddelen, bespreek dit dan met uw arts.
6/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Belangrijkste boodschappen:
- Gebruik tijdens de hele behandeling met Depakine een betrouwbaar anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel).
- Bespreek met uw arts welke voorbehoedsmiddelen geschikt zijn. Uw arts zal u informatie geven over het voorkomen van een zwangerschap. Zo nodig kan uw arts u hiervoor ook doorverwijzen naar een specialist.
- Maak regelmatig (ten minste een keer per jaar) een afspraak met de arts die u valproaat voorschrijft (voor uw epilepsie). Uw arts bespreekt dan ook de risico’s van het gebruik van valproaat tijdens de zwangerschap. Uw arts gaat met u na of u nog op de hoogte bent van de adviezen hierover.
- Vertel het uw arts als u zwanger wilt worden.
- Vertel het uw arts onmiddellijk als u zwanger bent of als u denkt dat u zwanger bent.
IK GEBRUIK DEPAKINE EN IK WIL ZWANGER WORDEN
Als u zwanger wilt worden, maak dan eerst een afspraak met uw arts om dit te bespreken.
Stop niet ineens met het gebruik van Depakine of van uw anticonceptiemiddel (voorbehoedsmiddel). Bespreek dit eerst met uw arts. Uw arts zal u verder adviseren.
De kans dat u een kind krijgt met een ernstige aangeboren afwijking of ontwikkelingsstoornis, is groter als u tijdens de zwangerschap valproaat gebruikt. Het is belangrijk om zo vroeg mogelijk vóór een eventuele zwangerschap na te gaan of een andere behandeling mogelijk is. Uw arts kan u verwijzen naar een specialist die ervaring heeft met het behandelen van de aandoening waar u valproaat voor krijgt (uw epilepsie) om dit verder te bespreken. Ook kan uw specialist samen met u
maatregelen nemen om uw zwangerschap zo goed mogelijk te laten verlopen. En maatregelen om eventuele risico’s voor u en uw ongeboren kind zo veel mogelijk te beperken.
Uw specialist kan bijvoorbeeld de dosis van Depakine aanpassen. Of een ander middel voorschrijven waarnaar u kunt overstappen. Misschien besluit u met uw specialist de behandeling met Depakine stop te zetten, lang voordat u zwanger wordt; zo kan dan worden onderzocht of uw aandoening stabiel is.
Als u zwanger wilt worden, bespreek dan ook met uw arts het innemen van foliumzuur. Bij alle zwangerschappen bestaat een kans op spina bifida (‘open rug’) en een vroege miskraam. Gebruik van foliumzuur kan die kans verlagen. Waarschijnlijk vermindert het de kans op een aangeboren afwijking door het gebruik van valproaat niet.
Belangrijkste boodschappen:
- Stop niet ineens met het gebruik van Depakine, maar bespreek dit eerst met uw arts.
-
Stop niet ineens met uw voorbehoedsmiddel, maar bespreek dit eerst met uw arts. Maak
samen met uw arts een plan om ervoor te zorgen dat uw aandoening onder controle is en de risico’s voor uw baby beperkt zijn. - Maak eerst een afspraak met uw arts. Uw arts bespreekt dan ook de risico’s van het gebruik van valproaat tijdens de zwangerschap. Uw arts gaat met u na of u op de hoogte bent van de adviezen hierover.
- Uw arts zal proberen of u kunt overstappen op een ander geneesmiddel, of zal de behandeling met Depakine stopzetten lang voordat u zwanger wordt.
- Maak onmiddellijk een afspraak op korte termijn met uw arts als u zwanger bent of als u denkt dat u zwanger bent.
IK BEN ZWANGER EN IK GEBRUIK DEPAKINE
Stop niet ineens met het gebruik van Depakine, maar bespreek dit eerst met uw arts. Uw aandoening kan anders verslechteren. Maak onmiddellijk een afspraak op korte termijn met uw arts als u zwanger bent of als u denkt dat u zwanger bent. Uw arts zal u verder adviseren.
De kans dat u een kind krijgt met een ernstige aangeboren afwijking of ontwikkelingsstoornis, is groter als u tijdens de zwangerschap valproaat gebruikt.
7/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Om na te gaan of een andere behandeling mogelijk is, kan uw arts u verwijzen naar een specialist die ervaring heeft met het behandelen van de aandoening waar u valproaat voor krijgt (uw epilepsie).
Als behandeling met Depakine voor u de enige optie is tijdens uw zwangerschap, dan wordt uw situatie nauwkeurig gevolgd. Er wordt gevolgd hoe het gaat met uw aandoening en hoe uw ongeboren kind zich ontwikkelt. Mogelijk krijgen u en uw partner ondersteuning bij de aan valproaat blootgestelde zwangerschap.
Bespreek met uw arts het innemen van foliumzuur. Bij alle zwangerschappen bestaat een kans op spina bifida (‘open rug’) en een vroege miskraam. Gebruik van foliumzuur kan die kans verlagen.
Waarschijnlijk vermindert het de kans op een aangeboren afwijking door het gebruik van valproaat niet.
Belangrijkste boodschappen:
- Maak onmiddellijk een afspraak op korte termijn met uw arts als u zwanger bent of als u denkt dat u zwanger bent.
- Stop niet ineens met het gebruik van Depakine, maar bespreek dit eerst met uw arts.
- Om na te gaan of een andere behandeling mogelijk is, kan uw arts u verwijzen naar een specialist die ervaring heeft met het behandelen van de aandoening waar u valproaat voor krijgt (uw epilepsie).
- U moet goed worden voorgelicht over de risico’s van Depakine tijdens een zwangerschap, inclusief het risico op teratogeniciteit (ernstige aangeboren afwijkingen) of lichamelijke en mentale ontwikkelingsstoornissen bij het kind.
- Zorg ervoor dat u wordt doorverwezen naar een specialist voor prenatale controle om mogelijk optreden van aangeboren afwijkingen op te kunnen sporen.
Uw arts zal u een ‘Informatiefolder voor de Patiënt’ geven. Lees deze goed door. Uw arts zal ook het ‘Jaarlijks formulier ter bevestiging dat risico's van valproaat met de patiënt besproken zijn’ met
u doornemen. Uw arts zal u mogelijk vragen dit formulier te bewaren. Verder ontvangt u een Patiëntenkaart van uw apotheek. Deze Patiëntenkaart helpt u herinneren aan de risico’s van
valproaat tijdens zwangerschap.
Borstvoeding
Natriumvalproaat wordt uitgescheiden in de moedermelk. Als u borstvoeding wilt geven, moeten de voordelen van borstvoeding zorgvuldig worden afgewogen tegen de kans op bijwerkingen bij uw kind. Er werden stoornissen in het bloed vastgesteld bij kinderen die borstvoeding kregen van moeders die dit middel gebruikten. Als u borstvoeding geeft, moet uw kind goed op bijwerkingen worden gecontroleerd.
Belangrijk advies voor mannelijke patiënten
Mogelijke risico's in verband met het gebruik van valproaat in de 3 maanden voorafgaand aan de verwekking van een kind
Een onderzoek wijst op een mogelijk risico op bewegings- en mentale ontwikkelingsstoornissen (problemen met vroege ontwikkeling in de kindertijd) bij kinderen van vaders die in de 3 maanden voorafgaand aan de verwekking met valproaat zijn behandeld. In dit onderzoek was sprake van dergelijke aandoeningen bij ongeveer 5 op de 100 kinderen van vaders die werden behandeld met valproaat, in vergelijking met ongeveer 3 op de 100 kinderen van vaders die werden behandeld met lamotrigine of levetiracetam (andere geneesmiddelen die kunnen worden gebruikt om uw ziekte te behandelen). Het risico voor kinderen van vaders die 3 maanden (de tijd die nodig is om nieuw sperma te vormen) of langer vóór de verwekking zijn gestopt met de behandeling met valproaat, is niet bekend. De studie heeft beperkingen en daarom is het niet duidelijk of het verhoogde risico op bewegings- en mentale ontwikkelingsstoornissen waar deze studie op wijst, wordt veroorzaakt door valproaat. De studie was niet omvangrijk genoeg om aan te tonen op welke specifieke bewegings- en mentale ontwikkelingsstoornis kinderen een mogelijk risico lopen.
Als voorzorgsmaatregel zal uw arts het volgende met u bespreken:
8/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
- Het mogelijke risico bij kinderen van vaders die met valproaat worden behandeld
- De noodzaak om doeltreffende anticonceptie (voorbehoedsmiddelen) te overwegen voor u en uw vrouwelijke partner tijdens de behandeling en gedurende 3 maanden na stopzetting van de behandeling
- De noodzaak om uw arts te raadplegen wanneer u van plan bent om een kind te verwekken en voordat u met anticonceptie (voorbehoedsmiddelen) stopt
- De mogelijke andere behandelingen die kunnen worden toegepast om uw ziekte te behandelen, afhankelijk van uw individuele situatie
Doneer geen sperma tijdens het gebruik van valproaat en gedurende 3 maanden na stopzetting van valproaat.
Praat met uw arts als u erover nadenkt om een baby te krijgen.
Als uw vrouwelijke partner zwanger wordt terwijl u valproaat gebruikte in de 3 maanden vóór de verwekking en als u vragen heeft, neem dan contact op met uw arts. Stop niet met uw behandeling zonder dit met uw arts te bespreken. Als u stopt met uw behandeling, kunnen uw symptomen erger worden.
U moet regelmatig afspraken maken met uw voorschrijvende arts. Tijdens dit bezoek zal uw arts de voorzorgsmaatregelen in verband met het gebruik van valproaat met u bespreken en de mogelijke andere behandelingen die kunnen worden toegepast om uw ziekte te behandelen, afhankelijk van uw individuele situatie.
Zorg ervoor dat u de informatiegids voor patiënten leest die u van uw arts krijgt. Ook krijgt u een patiëntkaart van uw apotheek om u te herinneren aan de mogelijke risico’s van valproaat tijdens de
zwangerschap.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Bij gebruik van Depakine i.v. 400 is het in enkele gevallen mogelijk dat er bijwerkingen zoals duizeligheid, sufheid en slaperigheid, optreden. Deze bijwerkingen kunnen het reactievermogen verminderen. Hiermee dient rekening te worden gehouden bij deelname aan het verkeer en bij het bedienen van machines. Overigens is epilepsie op zich zelf ook een reden om voorzichtig te zijn bij deze activiteiten, met name wanneer u niet gedurende een langere periode aanvalsvrij bent geweest. Overleg vooraf met uw arts.
Het gebruik van meerdere geneesmiddelen tegen epilepsie of middelen met rustgevende, slaapverwekkende en/of spierverslappende eigenschappen (benzodiazepinen) kan dit effect versterken.
Depakine i.v. 400 bevat natrium
Dit middel bevat 55,4 mg natrium (een belangrijk bestanddeel van keukenzout/tafelzout) per flacon. Dit komt overeen met 2,8% van de aanbevolen maximale dagelijkse hoeveelheid natrium in de voeding voor een volwassene.
Hoe wordt Depakine i.v. 400, poeder voor injectievloeistof 400 mg gebruikt?
Meisjes en vrouwen die zwanger kunnen worden
Neem dit geneesmiddel altijd in precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
De behandeling met Depakine dient te worden gestart en gevolgd door een arts die gespecialiseerd is in het behandelen van epilepsie.
Mannelijke patiënten
Aanbevolen wordt dat een specialist met ervaring in de behandeling van epilepsie de behandeling met Depakine start en opvolgt - zie rubriek 2 Belangrijk advies voor mannelijke patiënten.
9/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
De dosering wordt door uw arts vastgesteld. U dient zich hier precies aan te houden.
Depakine i.v. wordt altijd aan u of uw kind toegediend door een arts of verpleegkundige, omdat het als een langzame injectie of infusie in de ader (intraveneus) moet worden gegeven. Als u niet zeker weet waarom u Depakine krijgt of als u vragen heeft over hoeveel Depakine aan u of uw kind wordt gegeven, overleg dan met uw arts of verpleegkundige.
Hoeveel Depakine wordt gegeven
Uw arts zal beslissen hoeveel aan u of uw kind moet worden gegeven, afhankelijk van de ziekte. De dosis die u of uw kind krijgt, is gebaseerd op leeftijd en lichaamsgewicht. De dagelijkse dosis, frequentie en tijdstippen van toediening worden bepaald en gecontroleerd door de arts. De duur van de behandeling wordt bepaald door uw arts.
Als u of uw kind Depakine via de mond heeft ingenomen, kan uw arts besluiten om dezelfde dosis Depakine 6 uur na de laatste inname via de mond als continue of herhaalde infusie te geven.
Als u of uw kind nog niet eerder Depakine heeft gehad:
- Bij volwassenen, adolescenten en kinderen ouder dan 10 jaar is de aanbevolen dosering gewoonlijk 15 mg/kg, gegeven als een langzame injectie in de ader gedurende 3-5 minuten, gevolgd door een continue of herhaalde infusie.
- Bij kinderen tot 10 jaar is de aanbevolen dosering gewoonlijk 20-30 mg/kg, gegeven als een langzame injectie in de ader, gevolgd door een continue of herhaalde infusie.
- Voor kinderen jonger dan 3 jaar, zie Rubriek 2.
Patiënten met nierproblemen
Uw arts kan beslissen om uw dosis aan te passen.
Als u stopt met het gebruiken van dit medicijn
Het is belangrijk dat u doorgaat met de Depakine injecties totdat uw arts besluit om ze te stoppen. Als u stopt, kunnen uw aanvallen terugkomen.
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Advertentie
Wat zijn de bijwerkingen van Depakine i.v. 400, poeder voor injectievloeistof 400 mg?
Zoals elk geneesmiddel kan dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.
Neem onmiddellijk contact op met uw arts als u één van de volgende, ernstige bijwerkingen opmerkt – u kunt een spoedeisende medische behandeling nodig hebben:
Problemen met evenwicht en coördinatie, zich lusteloos of minder alert voelen, geassocieerd met braken. Dit kan te wijten zijn aan te veel ammoniak in uw bloed.
Vaak (komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruikers):
-
Leverbeschadiging. Dit kan vooral bij kinderen zeer ernstig zijn en treedt meestal op in de eerste zes maanden van de behandeling. Het is belangrijk om dit vroeg te herkennen. Soms gaan deze
klachten samen met sufheid en een hoog ammoniakgehalte in het bloed. Dit is te herkennen aan een ammoniakgeur van de urine. Lees het kopje ‘Wees extra voorzichtig met Depakine i.v. 400’ in rubriek 2 voor meer informatie. - Spontaan blauwe plekken krijgen of bloeden vanwege een daling van het aantal bloedplaatjes (trombocytopenie). Dit komt vaker voor bij vrouwen en oudere personen.
- Gevoel van verdoving met onbeweeglijkheid van het lichaam (stupor), ernstige sufheid en slaperigheid waarna u tijdelijk bewusteloos kunt raken. Dit gaat soms samen met meer
10/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
epileptische aanvallen. Deze klachten komen meestal voor als u plotseling een hogere dosis inneemt of als u meerdere middelen tegen epilepsie (in het bijzonder fenobarbital of topiramaat) tegelijkertijd gebruikt. Deze bijwerkingen verdwijnen wanneer u de dosis Depakine i.v. 400 verlaagt of de behandeling stopt.
Overproductie van speeksel, abnormale bewegingen en stijve spieren (extrapiramidale
aandoeningen).
Soms (komen voor bij minder dan 1 op de 100 gebruikers):
- Ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis). Deze ontsteking gaat samen met misselijkheid, braken en heftige pijn in de bovenbuik die uitstraalt naar de rug. Deze bijwerking kan ernstig zijn.
- Plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijvoorbeeld keel of tong), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag, vaak als allergische reactie (angio-oedeem).
- Tekort aan witte bloedlichaampjes met daardoor verhoogde gevoeligheid voor infecties (leukopenie).
- Syndroom waarbij te veel vocht wordt vastgehouden als gevolg van een te grote afgifte van het antidiuretisch hormoon; hierdoor wordt de hoeveelheid natrium in het bloed te laag en kan verwardheid ontstaan.
- Nierziekten (nierfalen, tubulo-interstitiële nefritis) die zich kan manifesteren als verminderde urineproductie.
- Een toename in het aantal en in de ernst van de aanvallen.
- Moeite met ademhalen, pijn of druk op de borst (vooral bij het inademen), kortademigheid en
droge hoest als gevolg van vochtophoping rond de longen (pleurale effusie).
Zelden (komen voor bij minder dan 1 op de 1000 gebruikers):
- Koorts, rode vlekken op huid, gewrichtspijn, oogontsteking of blaren op de huid/vervelling van de huid (blaarvorming, vervelling of bloeding op enig deel van uw huid (inclusief uw lippen, ogen, mond, neus, genitaliën, handen of voeten) met of zonder een uitslag, met soms griepachtige symptomen zoals koorts, koude rillingen of pijnlijke spieren- deze klachten kunnen wijzen op ernstige allergische reacties genaamd Steven-Johnson syndroom, toxische epidermale necrolyse).
- Syndroom met huiduitslag veroorzaakt door het geneesmiddel, koorts, vergrote lymfeklieren en mogelijk stoornissen in andere organen.
- Depakine kan ook leiden tot een ernstige afname van witte bloedcellen, een verminderd aantal bloedplaatjes of rode bloedcellen (beenmergfalen) of abnormaal verhoogde rode bloedcellen of andere beenmergaandoeningen (aangetoond in bloedonderzoek). Dit kan soms worden geuit door koorts en ademhalingsmoeilijkheden.
- Verminderde productie van schildklierhormonen (hypothyroïdie).
- Auto-immuunziekte met huiduitslag, ontstekingen van de gewrichten, gewrichtspijn, koorts, vermoeidheid, uitslag. Dit kunnen tekenen zijn van gegeneraliseerde of systemische lupus erythematosus.
- Afbraak van spierweefsel met als verschijnselen spierkrampen, koorts en roodbruine verkleuring van de urine (rabdomyolyse).
Informeer uw arts als één van de volgende bijwerkingen ernstig wordt of langer duurt dan een paar dagen:
Zeer vaak (komen voor bij meer dan 1 op de 10 gebruikers):
- Beven (tremor), ongecontroleerde spiersamentrekkingen, instabiliteit bij het lopen (parkinsonisme, extrapiramidale aandoeningen, ataxie).
- Misselijkheid. Dit komt vaak in het begin van de behandeling voor en verdwijnt binnen enkele
dagen meestal vanzelf. U kunt misselijkheid voorkomen door het middel met eten in te nemen.
Vaak (komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruikers):
- Bloedarmoede. Lage bloeddruk, versnelde hartslag, algemene vermoeidheid en spierkrampen als gevolg van te weinig natrium in het bloed (hyponatriëmie).
- Overgevoeligheid.
- Hallucinaties, verwarde toestand.
- Agressie, opwinding, aandachtstoornis. Deze bijwerkingen komen vooral bij kinderen voor.
- Duizeligheid, veranderingen in staat van bewustzijn (inclusief coma), verwardheid, toevallen (convulsies), slaperigheid, sloomheid of abnormaal gedrag en geheugenvermindering al dan niet geassocieerd met frequentere of ernstigere aanvallen vooral als fenobarbital en topiramaat
11/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
tegelijkertijd worden ingenomen of als de Depakine dosis plotseling is verhoogd, geheugenvermindering, hoofdpijn, onwillekeurige bewegingen van het oog (nystagmus).
- Gehoorproblemen en doofheid.
- Bloedingen.
- Bovenbuikpijn, diarree, braken. Deze klachten komen vaak in het begin van de behandeling voor en verdwijnen binnen enkele dagen meestal vanzelf. Herhaaldelijk braken, extreme vermoeidheid, buikpijn, duizeligheid, gevoel van zwakte, verlies van eetlust, ernstige pijn in de bovenbuik, misselijkheid, geelzucht (geel worden van de huid of van het oogwit), zwelling in de benen of verergering van uw epilepsie of een algemeen gevoel van onwel zijn kunnen tekenen zijn van ernstige lever- of alvleesklieraandoeningen.
- Tandvleesaandoeningen (vooral bovenmatige groei van het tandvlees), ontsteking van het mondslijmvlies (stomatitis).
- Haaruitval, nagelbedafwijking en nagelbedstoornis.
- Menstruatie met hevige pijn in de rug of onderbuik en hoofdpijn, onregelmatige menstruatie.
- Gewichtstoename.
- Het niet kunnen ophouden van urine (urine-incontinentie).
Soms (komen voor bij minder dan 1 op de 100 gebruikers):
- Abnormaal laag aantal van alle typen bloedcellen (pancytopenie).
- Slaapzucht, coma, hersenaandoening gekenmerkt door stuipen en bewustzijnsverlaging (encefalopathie), omkeerbaar parkinsonisme (een syndroom met de kenmerken van de ziekte van Parkinson), coördinatieproblemen (ataxie), stoornis in het waarnemen van gevoel.
- Overmatige lichaamsbeharing bij vooral vrouwen (hirsutisme), mannelijk voorkomen van een vrouw (virilisme), acne, kaal worden van het hoofd op dezelfde wijze als bij mannen, of verhoogde spiegels van mannelijke hormonen.
- Ontsteking van een bloedvat (vasculitis).
- Huiduitslag.
- Haaraandoeningen zoals veranderingen van de haartextuur of haarkleur, of abnormale haargroei.
- Er zijn meldingen van botafwijkingen waaronder dunner worden van het bot (osteopenie, osteoporose) en botbreuken. Indien u langdurig met een middel tegen epilepsie (anti-epilepticum) wordt behandeld, u eerder osteoporose heeft gehad of indien u steroïden gebruikt dient u met uw arts te overleggen.
- Wegblijven van de menstruatie (amenorroe).
- Vochtophoping in de ledematen (perifeer oedeem).
- Verlaagde lichaamstemperatuur.
Zelden (komen voor bij minder dan 1 op de 1000 gebruikers):
- Verlaagde hoeveelheid stollingsfactoren in het bloed (waaronder tekort aan factor VIII), waardoor wondjes langer kunnen bloeden. Afwijkende bloedstolling (aangetoond in bloedonderzoek).
- Porfyrie.
- Problemen met evenwicht en coördinatie, zich lusteloos of minder alert voelen, geassocieerd met braken. Dit kan te wijten zijn aan te veel ammoniak in het bloed (hyperammoniëmie).
- Zwaarlijvigheid.
- Abnormaal gedrag, hyperactiviteit, leerstoornis. Deze bijwerkingen komen vooral bij kinderen voor.
- Omkeerbare dementie, cognitieve aandoening.
- Huiduitslag of huidletsels met een roze/rode ring en een bleek centrum dat jeukend, schilferig of gevuld met vocht kan zijn. De uitslag kan vooral op de handpalmen of voetzolen verschijnen. Dit kunnen tekenen zijn van een aandoening genaamd erythema multiforme.
- Nachtelijk bedplassen, nierproblemen, veel plassen en dorst hebben (syndroom van Fanconi), nierontsteking.
- Onvruchtbaarheid bij de man, cysten op de eierstokken.
- Dubbelzien (diplopie).
- Mannelijke infertiliteit is meestal omkeerbaar na stopzetting van de behandeling en kan
omkeerbaar zijn na dosisverlaging. Stop niet met uw behandeling zonder eerst met uw arts te overleggen.
Zeer zelden (komen voor bij minder dan 1 op de 10.000 gebruikers):
Ontwikkeling van de borst in de man (gynaecomastie).
Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald):
12/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
- Aangeboren afwijkingen en ontwikkelingsstoornissen bij kinderen van moeders die tijdens de zwangerschap dit middel gebruikten. Lees het kopje Zwangerschap in rubriek 2 voor meer informatie.
- Toename van het aantal lymfocyten (bepaald soort witte bloedcel) in het bloed (lymfocytose). Verlenging van de bloedingstijd.
- Apathie en sufheid (sedatie).
- Maagdarmstoornissen; deze treden voornamelijk op bij het begin van de behandeling en gaan normaal gesproken vanzelf weer over. Verder verstopping (constipatie) en toe- of afname van de eetlust.
- Afname van het gehalte aan carnitine (blijkt uit bloed- of spiertesten).
- Donkere verkleuring van delen van de huid en slijmvliezen (hyperpigmentatie).
Bijkomende bijwerkingen bij kinderen
Sommige bijwerkingen van valproaat komen vaker voor bij kinderen of zijn ernstiger dan bij volwassenen. Deze omvatten leverschade, ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis), agressie, opwinding, verstoring van de aandacht, abnormaal gedrag, hyperactiviteit en leerstoornis.
Het melden van bijwerkingen
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb - Website: www.lareb.nl.
Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.
Hoe bewaart u Depakine i.v. 400, poeder voor injectievloeistof 400 mg?
Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de verpakking achter "EXP”. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.
Ongeopende injectieflacon met poeder: vereist geen speciale bewaarcondities. Na reconstitutie: onmiddellijk gebruik wordt aanbevolen.
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu terecht.
Meer informatie over Depakine i.v. 400, poeder voor injectievloeistof 400 mg
Welke stoffen zitten er in dit middel?
Elke injectieflacon met poeder bevat 400 mg natriumvalproaat. Na reconstitutie bevat elke 1 ml oplossing 100 mg natriumvalproaat.
Hoe ziet Depakine i.v. 400 eruit en hoeveel zit er in een verpakking?
Depakine i.v. 400 is een gebroken wit poeder. Het oplosmiddel is een heldere, kleurloze vloeistof.
Depakine i.v. 400 is verkrijgbaar in verpakkingen met 1 injectieflacon met poeder en 1 ampul oplosmiddel of met 4 injectieflacons met poeder en 4 ampullen oplosmiddel.
Niet alle verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.
13/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen: Sanofi B.V.
Paasheuvelweg 25 1105 BP Amsterdam Tel: 020 245 4000
Fabrikant:
Sanofi S.r.l., Anagni, Italië
Glaxo Wellcome Production, Notre Dame de Bondeville, Frankrijk
Dit middel is in het register ingeschreven onder RVG 14996.
Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in oktober 2025.
De volgende informatie is alleen bestemd voor artsen of andere beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg:
De injectieflacon en de ampul bevatten een overvulling waarmee de geëtiketteerde hoeveelheid kan worden opgezogen:
- flacon: 415 mg gevriesdroogd natriumvalproaatpoeder (verplaatsingsfactor: 8,65%).
- ampul: 4,25 ml oplosmiddel water voor injecties.
Reconstitutie
- Gebruik een maatspuit om 3,8 ml oplosmiddel water voor injectie op te zuigen uit de ampul en injecteer in de injectieflacon met gevriesdroogd poeder.
- Laat volledig oplossen.
- Het totale volume van de gereconstitueerde oplossing is 4,15 ml met een concentratie van 100 mg/ml.
- 4 ml van de gereconstitueerde oplossing voor injectie (100 mg/ml) kan uit de injectieflacon worden opgezogen.
De gereconstitueerde oplossing is helder en bijna kleurloos.
De intraveneuze oplossing kan worden toegediend vanuit infusietoedieningssystemen van PVC, polyethyleen of glas.
Bereiding van Depakine i.v. 400 dient plaats te vinden direct voorafgaande aan het gebruik. Infusievloeistoffen die geneesmiddel bevatten dienen te worden gebruikt binnen 24 uur na bereiding.
BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE MEDISCHE BEROEPSGROEP
Naam van het geneesmiddel
Depakine i.v. 400, poeder voor injectievloeistof 400 mg
Kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling
Elke injectieflacon met poeder bevat 400 mg natriumvalproaat. Na reconstitutie bevat elke 1 ml oplossing 100 mg natriumvalproaat.
Gevallen van onverenigbaarheid
Dit geneesmiddel mag niet gemengd worden met andere geneesmiddelen dan die vermeld zijn onder rubriek Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies.
14/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Houdbaarheid
Ongeopende injectieflacon met poeder 3 jaar
Water voor injecties 5 jaar
Geneesmiddel na reconstitutie
Chemische en fysische stabiliteit tijdens gebruik van de gereconstitueerde oplossing is aangetoond gedurende 24 uur wanneer deze rechtopstaand bij 25 °C wordt bewaard. Vanuit microbiologisch oogpunt moet het product onmiddellijk worden gebruikt, tenzij de reconstitutiemethode het risico op microbiële besmetting uitsluit. Indien niet onmiddellijk gebruikt, zijn de bewaartijden en - omstandigheden tijdens het gebruik de verantwoordelijkheid van de gebruiker.
Ongebruikte hoeveelheden moeten worden weggegooid.
Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Dit geneesmiddel vereist geen speciale bewaarcondities.
Voor bewaarcondities na reconstitutie en verdunning van het geneesmiddel, zie rubriek 6.3.
Aard en inhoud van de verpakking
Poeder: glazen injectieflacon met chlorobutylrubberen stop met aluminium verzegeling en plastic flip-off dop.
Oplosmiddel: glazen ampul.
Verpakking van 1 of 4 injectieflacons met poeder en 1 of 4 ampullen met oplosmiddel.
Speciale voorzorgsmaatregelen bij het verwijderen en andere instructies
Elke injectieflacon met Depakine i.v. 400 poeder voor oplossing voor intraveneuze injectie of infusie is uitsluitend bestemd voor eenmalig gebruik.
De injectieflacon en de ampul bevatten een overvulling waarmee de geëtiketteerde hoeveelheid kan worden opgezogen:
- flacon: 415 mg gevriesdroogd natriumvalproaatpoeder (verplaatsingsfactor: 8,65%).
- ampul: 4,25 ml oplosmiddel water voor injecties.
Reconstitutie
- Gebruik een maatspuit om 3,8 ml oplosmiddel water voor injectie op te zuigen uit de ampul en injecteer in de injectieflacon met gevriesdroogd poeder.
- Laat volledig oplossen.
- Het totale volume van de gereconstitueerde oplossing is 4,15 ml met een concentratie van 100 mg/ml.
- 4 ml van de gereconstitueerde oplossing voor injectie (100 mg/ml) kan uit de injectieflacon worden opgezogen.
De gereconstitueerde oplossing is helder en bijna kleurloos.
De intraveneuze oplossing kan worden toegediend vanuit infusietoedieningssystemen van PVC, polyethyleen of glas.
Bereiding van Depakine i.v. 400 dient plaats te vinden direct voorafgaande aan het gebruik. Infusievloeistoffen die geneesmiddel bevatten dienen te worden gebruikt binnen 24 uur na bereiding, zie rubriek 6.3.
Voor instructies over toediening, zie rubriek 4.2.
15/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Al het ongebruikte geneesmiddel of afvalmateriaal dient te worden vernietigd overeenkomstig lokale voorschriften.
16/16
Depakine i.v. 400 PIL 221025
Redactionele principes
Alle informatie is afkomstig van gecontroleerde bronnen (erkende instellingen, specialisten, studies van gerenommeerde universiteiten). Wij hechten veel waarde aan de kwalificatie van de auteurs en de wetenschappelijke onderbouwing van de informatie.


