Naar de inhoud

Medicijnen

Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie

Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie
Inhoud
  1. Wat is het en waarvoor wordt het gebruikt?
  2. Wat moet u weten voordat u het gebruikt?
  3. Hoe wordt het gebruikt?
  4. Wat zijn mogelijke bijwerkingen?
  5. Hoe moet het worden bewaard?
  6. Verdere informatie

In het kort

Ceftriaxon hameln is een medicijn tegen ontsteking door een bacterie (antibioticum). Het wordt gegeven aan volwassenen en kinderen (waaronder pasgeboren baby's). Het doodt bacteriën die infecties veroorzaken. Het hoort bij een groep medicijnen die cefalosporines worden genoemd.

Werkzame stof(fen)
Ceftriaxone
Vergunninghouder
Hameln Pharma GmbH
ATC-code
J01DD04

Deze samenvatting vervangt de bijsluiter of medisch advies niet.

Advertentie

Patiëntenbijsluiter

Waarvoor wordt Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie gebruikt?

Ceftriaxon hameln is een medicijn tegen ontsteking door een bacterie (antibioticum). Het wordt gegeven aan volwassenen en kinderen (waaronder pasgeboren baby's). Het doodt bacteriën die infecties veroorzaken. Het hoort bij een groep medicijnen die cefalosporines worden genoemd.

Dit medicijn wordt gebruikt voor de behandeling van infecties van:

  • de hersenen (meningitis),
  • de longen,
  • het middenoor,
  • de buik en buikwand (peritonitis),
  • de urinewegen en nieren,
  • botten en gewrichten,
  • de huid en het weefsel rond organen en boten (weke delen),
  • het bloed,
  • het hart.

Het kan worden gegeven:

  • om bepaalde infecties te behandelen die mensen kunnen krijgen door seks (gonorroe en syfilis),
  • om patiënten te behandelen met weinig witte bloedcellen (neutropenie) die koorts hebben door een infectie door een bacterie,
  • om infecties van de longen te behandelen bij volwassenen met chronische bronchitis,
  • om de ziekte van Lyme (door een tekenbeet) te behandelen bij volwassenen en kinderen, en ook pasgeboren baby's vanaf 15 dagen,
  • om ervoor te zorgen dat patiënten geen infecties krijgen tijdens een operatie.

Advertentie

Wat moet u weten voordat u Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie gebruikt?

Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken?

  • U bent allergisch voor ceftriaxon.
  • U heeft een plotseling optredende of ernstige allergische reactie gehad op penicilline of vergelijkbaar antibioticum (zoals cefalosporines, carbapenems of monobactams). Verschijnselen hiervan zijn onder andere plotselinge zwelling van de keel of het gezicht die het ademhalen of het slikken kan bemoeilijken, plotselinge zwelling van de handen, voeten en enkels, pijn op de borst en een hevige huiduitslag die zich snel ontwikkelt.
  • U bent allergisch voor lidocaïne en u krijgt dit medicijn als een injectie in een spier.

Dit medicijn mag niet aan baby’s worden gegeven als:

  • de baby te vroeg geboren is,
  • de baby pasgeboren (tot 28 dagen oud) is en bepaalde bloedproblemen of geelzucht (gele verkleuring van de huid of het oogwit of beide) heeft of een middel in een ader moet krijgen waar calcium in zit.

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit medicijn?

Neem contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige voordat u dit medicijn gebruikt:

  • als u kortgeleden een middel heeft gekregen waar calcium in zit, of u dit binnenkort krijgt,
  • als u kortgeleden diarree heeft gehad nadat u een antibioticum kreeg,
  • als u ooit problemen heeft gehad met uw darmen, vooral colitis (ontsteking van de darm),
  • als u problemen met uw lever of uw nieren heeft (zie rubriek 4),
  • als u galstenen of nierstenen heeft,
  • als u andere ziekten heeft, zoals hemolytische anemie (minder rode bloedcellen, waardoor uw huid bleek kan worden en u zich zwak of kortademig kan voelen),
  • als u een zoutarm dieet volgt,
  • als u een combinatie van de volgende klachten heeft of die eerder heeft gehad:
    huiduitslag, rode huid, blaren op de lippen, ogen en mond, loslaten van de huid, hoge koorts, klachten van griep, verhoogde waardes van de lever (leverenzymen) volgens bloedtesten en meer van 1 soort witte bloedcellen (eosinofilie) en vergrote lymfeklieren (klachten van ernstige huidreacties, zie ook rubriek 4 “Mogelijke bijwerkingen”).

Als u een bloedtest of urinetest moet krijgen

Als dit medicijn voor lange tijd aan u wordt gegeven, moet u mogelijk regelmatig een bloedonderzoek krijgen. Dit medicijn kan invloed hebben op de resultaten van urinetesten op suiker en een bloedtest die bekend is als de Coombs-test. Als u testen krijgt:

vertel dan de persoon die het bloed afneemt dat u dit medicijn heeft gekregen.

Heeft u suikerziekte (diabetes)? Of moet de hoeveelheid suiker in uw bloed (bloedglucose) worden gecontroleerd? Dan mag u bepaalde systemen voor de controle van de bloedglucose niet gebruiken. Omdat deze een verkeerde schatting van de hoeveelheid bloedglucose kunnen geven terwijl u ceftriaxon krijgt. Gebruikt u deze systemen? Lees dan de gebruiksaanwijzing en vertel het uw arts, apotheker of verpleegkundige. Misschien moeten er andere testen worden gebruikt.

Kinderen

Neem contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige voordat dit medicijn aan uw kind wordt gegeven:

  • als aan uw kind kortgeleden een middel is gegeven in een ader waar calcium in zit of uw kind dit zal krijgen.

Gebruikt u nog andere medicijnen?

Gebruikt u naast Ceftriaxon hameln nog andere medicijnen, heeft u dat kortgeleden gedaan of gaat u dit misschien binnenkort doen? Vertel dat dan uw arts of apotheker.

Vertel het uw arts of apotheker vooral als u een van de volgende medicijnen gebruikt:

  • 1 soort antibioticum dat aminoglycoside wordt genoemd,
  • 1 antibioticum dat chlooramfenicol wordt genoemd (om infecties te behandelen, vooral van de ogen).

Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts voordat u dit medicijn gebruikt.

De arts bekijkt het voordeel van de behandeling met dit medicijn en het risico voor uw baby.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Dit medicijn kan ervoor zorgen dat u zich duizelig voelt. Voelt u zich duizelig? Dan mag u niet rijden en geen gereedschappen of machines gebruiken. Neem contact op met uw arts als u deze klachten krijgt.

Ceftriaxon hameln bevat natrium

Dit medicijn bevat 83 mg natrium (een belangrijk bestanddeel van keukenzout/tafelzout) per injectieflacon van 1 g. Dit komt overeen met 4,15 % van de aanbevolen maximale dagelijkse hoeveelheid natrium in de voeding voor een volwassene.

Dit middel bevat 166 mg natrium (een belangrijk bestanddeel van keukenzout/tafelzout) per injectieflacon van 2 g. Dit komt overeen met 8,30 % van de aanbevolen maximale dagelijkse hoeveelheid natrium in de voeding voor een volwassene.

Het medicijn voorbereiden voor toediening: zie de rubriek “De volgende informatie is alleen bestemd voor beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg” aan het einde van deze bijsluiter. Bij het berekenen van het totale natriumgehalte in de uiteindelijke medicijnoplossing moet rekening worden gehouden met de hoeveelheid natrium verkregen uit het verdunningsmiddel.

Raadpleeg de bijsluiter van het gebruikte verdunningsmiddel voor gedetailleerde informatie over het natriumgehalte van de oplossing die wordt gebruikt voor verdunning.

Hoe wordt Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie gebruikt?

Dit medicijn wordt meestal gegeven door een arts of verpleegkundige. Het kan worden gegeven via

  • een druppelinfuus (intraveneuze infusie) of als injectie direct in een ader of
  • in een spier.

Dit medicijn wordt bereid door de arts, apotheker of verpleegkundige. Het zal niet gemengd of samen gegeven worden met een injectie waar calcium in zit.

De normale hoeveelheid van het medicijn (dosis)

Uw arts beslist wat de juiste dosis van dit medicijn voor u is. De dosis hangt af van

  • hoe erg de infectie is en welke soort infectie u heeft,
  • of u andere antibiotica gebruikt,
  • uw gewicht en leeftijd
  • en hoe goed uw nieren en lever werken.

Hoeveel dagen of weken u dit medicijn krijgt, hangt af van de soort infectie die u heeft.

Volwassenen, ouderen en kinderen vanaf 12 jaar die 50 kilogram (kg) of meer wegen:

1 keer per dag 1 tot 2 gram. Dit hangt af van de soort infectie en hoe erg de infectie is. Als u een erge infectie heeft, geeft uw arts u een hogere dosis (maximaal 4 gram 1 keer per dag). Is uw dosis per dag hoger dan 2 gram? Dan kunt u deze 1 keer per dag in 1 dosis krijgen of verdeeld over 2 keer per dag.

Pasgeboren baby's, zuigelingen en kinderen van 15 dagen tot 12 jaar oud die minder dan 50 kg wegen:

  • 1 keer per dag 50 tot 80 mg van dit medicijn per kilogram lichaamsgewicht van het kind. Hoeveel precies hangt af van hoe erg de infectie is en de soort infectie. Heeft uw kind een erge infectie? Dan geeft uw arts het kind een hogere dosis van maximaal 100 mg per lichaamsgewicht, tot maximaal 4 g 1 keer per dag. Is de dosis van uw kind hoger dan 2 g per dag? Dan kan uw kind deze 1 per dag in 1 dosis krijgen of verdeeld over 2 keer per dag.
  • Kinderen die 50 kg of meer wegen moeten de normale dosis voor volwassenen krijgen.

Pasgeborenen (0 - 14 dagen)

  • 1 keer per dag 20 tot 50 mg van dit medicijn per kilogram lichaamsgewicht van het kind Hoeveel precies hangt af van hoe erg de infectie is en de soort infectie.
  • De maximale dosis per dag mag niet hoger zijn dan 50 mg per kilogram lichaamsgewicht van de baby.

Patiënten met leverproblemen en nierproblemen

Mogelijk krijgt u een andere dosis dan de normale dosis. Uw arts beslist hoeveel u van dit medicijn nodig heeft en zal u heel goed controleren. Dit hangt af van hoe erg de leverziekte en de nierziekte is.

Heeft u te veel van dit medicijn gebruikt?

Als u per ongeluk meer dan uw voorgeschreven dosis krijgt, neem dan direct contact op met uw arts of het dichtstbijzijnde ziekenhuis.

Bent u vergeten dit medicijn te gebruiken?

Als u een injectie mist, moet deze zo snel mogelijk aan u gegeven worden. Is het toch al bijna tijd voor uw volgende injectie? Sla dan de gemiste injectie over. Neem geen dubbele dosis (twee injecties tegelijk) om een vergeten dosis in te halen.

Als u stopt met het gebruik van dit medicijn

Stop niet met het gebruik van dit medicijn, tenzij uw arts u dat zegt. Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit medicijn? Neem dan contact op met uw arts of verpleegkundige.

Advertentie

Wat zijn de bijwerkingen van Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie?

Zoals elk medicijn kan ook dit medicijn bijwerkingen hebben. Niet iedereen krijgt daarmee te maken. Met dit medicijn kunnen de volgende bijwerkingen optreden:

Ernstige allergische reacties (niet bekend, de frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).

Als u een ernstige allergische reactie heeft, vertel dit dan direct aan een arts. U kunt de volgende klachten krijgen:

  • plotseling dik worden van gezicht, keel, lippen of mond wat het ademen of slikken moeilijk kan maken,
  • plotseling dik worden van handen, voeten en enkels,
  • pijn op de borst in samenhang met allergische reacties. Dit kan wijzen op een door allergie veroorzaakt hartinfarct (Kounis-syndroom).

Ernstige huiduitslag (niet bekend, de frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).

Als u ernstige huiduitslag krijgt, vertel dit dan direct aan een arts. U kunt de volgende klachten krijgen:

  • Ernstige huiduitslag die zich snel ontwikkelt, met blaren of loslaten van de huid en mogelijk blaren in de mond. (Stevens-Johnson-syndroom en toxische epidermale necrolyse, ook wel SJS en TEN genoemd)
  • Een combinatie van de volgende klachten: uitslag op grote delen van het lichaam, verhoging, verhoogde leverwaardes (leverenzymen), andere bloedwaardes dan normaal (eosinofilie),

vergrote lymfeklieren en problemen met andere organen (geneesmiddelenreactie met eosinofilie en systemische symptomen, ook wel DRESS of geneesmiddelovergevoeligheidssyndroom genoemd)

Jarisch-Herxheimer-reactie die zorgt voor koorts, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn en huiduitslag en die meestal vanzelf verdwijnt. Dit gebeurt kort na het starten van de behandeling met dit medicijn bij infecties met een bepaalde soort bacterie (spirocheten), zoals de ziekte van Lyme.

Andere mogelijke bijwerkingen:

Vaak (komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruikers)

  • minder of meer witte bloedcellen dan normaal (zoals minder leukocyten en meer eosinofielen) en bloedplaatjes (minder trombocyten),
  • dunne poep of diarree,
  • veranderingen in de resultaten van bloedtesten voor leverfuncties,
  • uitslag van de huid.

Soms (komen voor bij minder dan 1 op de 100 gebruikers)

  • schimmelinfecties (zoals spruw of genitale schimmelinfecties),
  • minder witte bloedcellen (granulocytopenie),
  • minder rode bloedcellen (bloedarmoede),
  • problemen met het stollen van het bloed; dit kan voor de volgende klachten zorgen: snel blauwe plekken krijgen en pijnlijke en dikke gewrichten,
  • hoofdpijn,
  • duizelig zijn,
  • zich misselijk voelen of overgeven of beide,
  • jeuk,
  • pijn of een brandend gevoel langs de ader waarin dit medicijn is gegeven, pijn op de plaats van de injectie,
  • verhoging (koorts),
  • ander resultaat dan normaal van de test van de nierfunctie (bloedcreatinine verhoogd).

Zelden (komen voor bij minder dan 1 op de 1.000 gebruikers)

  • ontsteking van de dikke darm (colon); de klachten zijn onder andere diarree, meestal met bloed en slijm, buikpijn en koorts,
  • moeite met ademhalen (bronchospasme),
  • minder bewustzijn, ongewoon bewegen, onrustig zijn en spierkrampen, vooral bij oudere patiënten met ernstige nierproblemen of zenuwstelselproblemen,
  • bobbelige uitslag (netelroos) die een groot deel van uw lichaam kan bedekken met jeuk en zwelling,
  • bloed of suiker in uw plas,
  • te veel vocht vasthouden (oedeem),
  • rillen,
  • infectie op de plaats van de injectie.

Niet bekend (de frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

  • een tweede infectie die mogelijk niet beter wordt door het eerder voorgeschreven antibioticum,
  • een soort van bloedarmoede waarbij rode bloedcellen worden vernietigd (hemolytische anemie),
  • veel minder witte bloedcellen (agranulocytose),
  • spierkrampen,
  • alles zien draaien en bewegen (draaiduizeligheid),
  • ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis); de klachten zijn onder andere hevige pijn in de maag die naar uw rug lijkt te gaan,
  • ontsteking van het slijmvlies van de mond (stomatitis),
  • ontsteking van de tong (glossitis); de klachten zijn onder andere het krijgen van een dikke, rode en pijnlijke tong,
  • problemen met de galblaas of de lever of allebei, deze kunnen zorgen voor pijn, misselijk zijn, overgeven, geel worden van de huid, jeuk, ongewoon donkere plas en poep met dezelfde kleur als klei,
  • een ziekte van het zenuwstelsel die pasgeborenen met ernstige geelzucht (kernicterus) kunnen krijgen,
  • nierproblemen door het ophopen van calcium uit dit medicijn; dit kan zorgen voor pijn bij het plassen (urineren) of minder plassen,
  • een positief resultaat dat niet klopt bij de Coombs-test (een test voor bepaalde bloedziekten),
  • een positief resultaat dat niet klopt voor galactosemie (een ongewone ophoping van de suiker galactose),
  • dit medicijn kan ervoor zorgen dat bepaalde typen testen om suiker in het bloed (bloedglucose) te meten niet goed werken; neem contact op met uw arts.

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige. Dit geldt ook voor bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook melden via Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website: www.lareb.nl.

Door bijwerkingen te melden, helpt u ons om meer informatie te krijgen over de veiligheid van dit medicijn.

Hoe bewaart u Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie?

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

Gebruik dit medicijn niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die vindt u op de doos en het etiket van de injectieflacon na “EXP”. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities wat betreft de temperatuur. Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen licht.

Volgens de best practice-principes moeten oplossingen onmiddellijk voor gebruik worden bereid. Houdbaarheid na reconstitutie/verdunning:

In alle aanbevolen oplosmiddelen is dit medicijn na reconstitutie/verdunning voor intramusculaire injectie, intraveneuze injectie en infusies chemisch en fysiek stabiel:

  • gedurende 6 uur bij een temperatuur beneden 25 °C,
  • gedurende 24 uur bij 2 °C tot 8 °C (in de koelkast).

Het gereconstitueerde middel hoeft niet tegen licht beschermd te worden.

Vanuit microbiologisch oogpunt moet het middel onmiddellijk gebruikt worden. Indien het niet onmiddellijk gebruikt wordt, zijn de bewaartijden en -condities voorafgaand aan gebruik de verantwoordelijkheid van de gebruiker en deze zouden normaal gesproken niet langer mogen zijn dan 24 uur bij 2 tot 8 °C, tenzij de reconstitutie/verdunning heeft plaatsgevonden in gecontroleerde en gevalideerde aseptische omstandigheden.

Gebruik dit medicijn niet als u zichtbare tekenen van bederf ziet.

Spoel medicijnen niet door de gootsteen of de wc en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met medicijnen moet doen die u niet meer gebruikt. Als u medicijnen op de juiste manier afvoert worden ze op een juiste manier vernietigd en komen ze niet in het milieu terecht.

Ceftriaxon hameln 1 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie / Pulver zur Herstellung einer Injektions-/Infusionslösung / poudre pour solution injectable/pour perfusion Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie / Pulver zur Herstellung einer Injektions-/Infusionslösung / poudre pour solution injectable/pour perfusion Ceftriaxon “hameln” Ceftriaxon hameln 1 g Pulver zur Herstellung einer Injektions- /Infusionslösung Ceftriaxon hameln 2 g Pulver zur Herstellung einer Injektions- /Infusionslösung Ceftriaxon hameln 1 g injektio-/infuusiokuiva-aine, liuosta varten Ceftriaxon hameln 2 g injektio-/infuusiokuiva-aine, liuosta varten Ceftriaxone hameln 1 g powder for solution for injection/infusion Ceftriaxone hameln 2 g powder for solution for injection/infusion Ceftriaxone hameln Ceftriaxon hameln 1 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie Ceftriaxon hameln 1 g pulver til injeksjons-/infusjonsvæske, oppløsning Ceftriaxon hameln 2 g pulver til injeksjons-/infusjonsvæske, oppløsning Ceftriaxon hameln 1 g Pulver zur Herstellung einer Injektions- /Infusionslösung

Meer informatie over Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie

Welke stoffen zitten er in dit medicijn?

  • De werkzame stof in dit medicijn is ceftriaxon. 1 injectieflacon bevat 1 g of 2 g ceftriaxon (in de vorm van ceftriaxonnatrium).
  • Het bevat geen andere stoffen.

Hoe ziet Ceftriaxon hameln eruit en wat zit er in een verpakking?

Ceftriaxon hameln is een bijna wit of geelachtig poeder.

Ceftriaxon hameln wordt geleverd in injectieflacons van kleurloos glas van hydrolytische klasse III, afgesloten met een broombutylrubberen stop met aluminium verzegeling of aluminium verzegeling met plastic flip-off kapje.

Elke verpakking bevat 10 injectieflacons.

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen hameln pharma gmbh

Inselstraße 1

31787 Hameln Duitsland

Fabrikant hameln rds s.r.o. Horná 36

900 01 Modra Slowakije

In het register ingeschreven onder

Ceftriaxon hameln 1 g: RVG 132937

Ceftriaxon hameln 2 g: RVG 132939

Dit medicijn is geregistreerd in lidstaten van de Europese Economische Ruimte onder de volgende namen:

België

Denemarken

Duitsland

Finland

Ierland

Italië

Nederland

Noorwegen

Oostenrijk

  Ceftriaxon hameln 2 g Pulver zur Herstellung einer Injektions-
  /Infusionslösung
Slowakije Ceftriaxone hameln 1 g prášok na injekčný/infúzny roztok
  Ceftriaxone hameln 2 g prášok na injekčný/infúzny roztok
Tsjechië Ceftriaxone hameln
Zweden Ceftriaxon hameln 1 g Pulver till injektions-/infusionsvätska, lösning
  Ceftriaxon hameln 2 g Pulver till injektions-/infusionsvätska, lösning

Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in september 2025.

De volgende informatie is alleen bestemd voor beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg:

Ceftriaxon hameln 1 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie kan worden gebruikt voor i.m. injectie, trage i.v. injectie en i.v. infusie.

Ceftriaxon hameln 2 g poeder voor oplossing voor injectie/infusie kan worden gebruikt voor i.m. injectie, trage i.v. injectie en i.v. infusie.

Reconstitutie

Nadat het oplosmiddel aan de inhoud van de injectieflacon is toegevoegd, moet de injectieflacon worden geschud totdat het poeder is opgelost; de oplossing moet na 1-2 minuten helder zijn. De oplossing na reconstitutie kan kleurloos tot geel zijn; de kleurintensiteit hangt af van de concentratie ceftriaxon en het gebruikte verdunningsmiddel.

Uitsluitend voor eenmalig gebruik. Eventueel resterende oplossing moet worden weggegooid.

Wijze van toediening

Ceftriaxon hameln kan worden toegediend via intraveneuze infusie gedurende ten minste 30 minuten (geprefereerde toedieningsweg) of door langzame intraveneuze injectie gedurende 5 minuten, of door diepe intramusculaire injectie. Een intraveneuze intermitterende injectie moet gedurende 5 minuten worden toegediend, bij voorkeur in grotere aderen. Intraveneuze doses van 50 mg/kg lichaamsgewicht of meer dienen bij zuigelingen en kinderen tot 12 jaar oud te worden toegediend via infusie. Ter vermindering van het potentiële risico op bilirubine-encefalopathie moeten intraveneuze doses bij pasgeborenen gedurende 60 minuten worden toegediend. Intramusculaire injecties moeten ruim binnen een relatief grote spiermassa worden geïnjecteerd en er mag niet meer dan 1 g op dezelfde plaats worden geïnjecteerd. Intramusculaire toediening moet worden overwogen wanneer intraveneuze toediening niet mogelijk of minder geschikt is voor de patiënt.

Doses hoger dan 2 g moeten intraveneus worden toegediend.

Verdunningsmiddelen die calcium bevatten, zoals Ringer-oplossing of Hartmann-oplossing, mogen niet worden gebruikt om de inhoud van injectieflacons met Ceftriaxon hameln te reconstitueren of om de gereconstitueerde inhoud van een injectieflacon verder te verdunnen voor intraveneuze toediening, omdat er dan neerslag kan ontstaan. Ceftriaxon-calciumzout kan ook neerslaan wanneer ceftriaxon wordt gemengd met calcium-bevattende oplossingen in dezelfde intraveneuze toedieningslijn. Daarom mogen ceftriaxon en calcium-bevattende oplossingen niet worden gemengd of gelijktijdig worden toegediend.

Om neerslag te voorkomen, kunnen bij patiënten ouder dan 28 dagen echter ceftriaxon en calcium-bevattende oplossingen opeenvolgend worden toegediend als infusielijnen op verschillende plaatsen worden gebruikt of als de infusielijnen tussen infusies worden vervangen of grondig worden gespoeld met een fysiologische zoutoplossing. Bij patiënten die continue infusie nodig hebben met calcium-bevattende oplossingen voor totale parenterale voeding (TPV), kunnen beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg overwegen om alternatieve antibacteriële behandelingen toe te passen die geen dergelijk risico op neerslag met zich meebrengen. Als het gebruik van ceftriaxon noodzakelijk wordt geacht bij patiënten die continue parenterale voeding nodig hebben, kunnen TPV-oplossingen en ceftriaxon gelijktijdig worden toegediend, zij het via verschillende infusielijnen op verschillende

plaatsen. Eventueel kan de infusie van TPV-oplossing worden gestopt gedurende de periode van ceftriaxon-infusie en kunnen de infusielijnen tussen oplossingen door worden gespoeld.

Vóór toediening moet de oplossing worden geïnspecteerd op helderheid en onoplosbare deeltjes.

Na toediening wordt aanbevolen om de intraveneuze lijn te spoelen met infusievloeistof, om toediening van de volledige dosis te garanderen.

Intramusculaire injectie

Het middel moet worden verdund met het juiste volume aan

  • water voor injectie,
  • 10 mg/ml (1 %) lidocaïneoplossing,
  • 9 mg/ml (0,9 %) natriumchlorideoplossing.
Dosis Volume aan oplosmiddel Geschatte oplossingsconcentratie
1 g 3,5 ml 238 mg/ml
2 g 7 ml 238 mg/ml

Het geneesmiddel dient door middel van diepe intramusculaire injectie te worden toegediend. Het geneesmiddel mag niet in dezelfde spuit worden gemengd met een ander geneesmiddel dan 10 mg/ml (1 %) lidocaïnehydrochlorideoplossing.

Dien geen intraveneuze oplossing van het middel toe met lidocaïne.

Doses hoger dan 1 g moeten worden verdeeld en geïnjecteerd op meer dan één plaats. Doses hoger dan 2 g moeten intraveneus worden toegediend.

Intraveneuze injectie (5 minuten)

De inhoud van de injectieflacon moet worden opgelost met een van de volgende vloeistoffen voor injectie:

  • water voor injectie,
  • 9 mg/ml (0,9 %) natriumchlorideoplossing,
  • 50 mg/ml (5 %) glucoseoplossing.
Dosis Volume aan oplosmiddel Geschatte oplossingsconcentratie
1 g 10 ml 93,5 mg/ml
2 g 20 ml 93,5 mg/ml

Dien geen intraveneuze oplossing van het middel toe met lidocaïne.

Intraveneuze infusie (minimaal 30 minuten)

Voor de bereiding van intraveneuze infusieoplossingen van ceftriaxon in concentraties van 10 mg/ml tot 50 mg/ml, moet het poeder worden opgelost in 10 ml van een van de volgende oplossingen:

  • 9 mg/ml (0,9 %) natriumchlorideoplossing,
  • 50 mg/ml (5 %) glucoseoplossing,
  • 50 mg/ml (5 %) glucoseoplossing met 9 mg/ml (0,9 %) natriumchlorideoplossing 1:1,
  • 50 mg/ml (5 %) glucoseoplossing met 9 mg/ml (0,9 %) natriumchlorideoplossing 2:1.

De aldus verkregen oplossing moet verder worden verdund met dezelfde oplossing als die welke is gebruikt voor het oplossen.

Dosis Totaal volume aan oplosmiddel Geschatte oplossingsconcentratie
1 g 20 ml 50 mg/ml
1 g 25 ml 40 mg/ml
1 g 100 ml 10 mg/ml
2 g 40 ml 50 mg/ml
2 g 50 ml 40 mg/ml
2 g 200 ml 10 mg/ml

Dien geen intraveneuze oplossing van het middel toe met lidocaïne.

Redactionele principes

Alle informatie is afkomstig van gecontroleerde bronnen (erkende instellingen, specialisten, studies van gerenommeerde universiteiten). Wij hechten veel waarde aan de kwalificatie van de auteurs en de wetenschappelijke onderbouwing van de informatie.

Uit ons magazine