Inhoud
Advertentie
Patiëntenbijsluiter
Advertentie
Wat moet u weten voordat u Fludeoxyglucose (18F) CNW 100 - 400 MBq, oplossing voor injectie in een voorgevulde spuit gebruikt?
Wanneer mag u dit middel niet toegediend krijgen?
U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?
Neem contact op met uw nucleair geneeskundige voordat u dit middel toegediend krijgt.
- Als u diabetes hebt of een verhoogd gehalte aan suiker in uw bloed, is het wellicht noodzakelijk om met uw arts bijzondere afspraken te maken over het instellen van uw bloedsuikerspiegel voorafgaand aan het onderzoek
- Raadpleeg uw nucleair geneeskundige als u lijdt aan een infectie of ontstekingsziekte
Raadpleeg uw nucleair geneeskundige als u een verminderde nierfunctie heeft, aangezien de stralingsblootstelling dan verhoogd kan zijn
Informeer uw nucleair geneeskundige in de volgende gevallen:
- wanneer u zwanger bent of denkt dat u zwanger zou kunnen zijn
- wanneer u borstvoeding geeft
Voorafgaand aan de toediening van Fludeoxyglucose (18F) CNW moet u:
- elke inspannende lichamelijke activiteit vermijden
- veel water drinken vóór het begin van het onderzoek, zodat u in de eerste uren na het onderzoek zo vaak mogelijk kunt plassen
- gedurende ten minste 4 uur niet eten
Kinderen en jongeren tot 18 jaar
Overleg met uw nucleair geneeskundige indien u jonger bent dan 18 jaar, omdat er maar weinig
gegevens beschikbaar zijn over de werkzaamheid en veiligheid voor patiënten in deze leeftijdscategorie. Uw arts moet echter altijd de mogelijke risico’s en baten tegen elkaar afwegen
voordat dit middel wordt gebruikt
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?
Gebruikt u naast Fludeoxyglucose (18F) CNW nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of de nucleair geneeskundige die toezicht houdt op het onderzoek. Dat geldt ook voor geneesmiddelen waar u geen voorschrift voor nodig heeft.
Meld uw arts indien u een of meer van de volgende geneesmiddelen/stoffen gebruikt of toegediend hebt gekregen, omdat deze de interpretatie van de camera beelden door uw arts kunnen verstoren:
- geneesmiddelen die de bloedsuikerspiegel (hoeveelheid suiker in het bloed) veranderen, zoals glucose en insuline.
- bepaalde geneesmiddelen die een ontsteking onderdrukken (corticosteroïden).
- sommige geneesmiddelen die gebruikt worden bij de behandeling van epilepsie, zoals valproaat, carbamazepine, fenytoïne of fenobarbital).
- sommige geneesmiddelen die het zenuwstelsel beïnvloeden (adrenaline, noradrenaline of dopamine)
- Stoffen die de aanmaak van bloedcellen in het beenmerg bevorderen, zoals kolonie-stimulerende factoren. Tot enkele dagen na toediening van kolonie-stimulerende factoren kan de fludeoxyglucose opname in het beenmerg en in de milt verhoogd zijn.
Als u twijfelt over de toepassing van andere geneesmiddelen tijdens het onderzoek, spreek erover met uw arts of de apotheker of de specialist die het onderzoek uitvoert voor aanvullende informatie.
Waarop moet u letten met eten en drinken?
Dit geneesmiddel kan alleen worden toegediend aan patiënten die gedurende minstens 4 uur geen voedsel hebben genuttigd. De reden hiervoor is dat een hoog suikergehalte in bloed de opname van fludeoxyglucose in de lichaamscellen belemmert.
Voor de beste beeldkwaliteit en om de blootstelling van de blaas aan straling zo laag mogelijk te houden is het echter aanbevolen dat u veel water drinkt vóór en na het onderzoek (suikerhoudende dranken dienen vermeden te worden) en uw blaas vaak leegt.
Zwangerschap en borstvoeding
Vraag uw arts om advies voordat het geneesmiddel wordt toegediend als er een kans bestaat dat u zwanger bent, als uw menstruatie is uitgebleven of als u borstvoeding geeft.
Wanneer u twijfelt, is het belangrijk dat u contact opneemt met uw arts of uw nucleair geneeskundige die de procedure begeleidt.
Bent u zwanger?
Als u zwanger bent zal uw arts dit middel alleen toepassen als hij van mening is dat het voordeel opweegt tegen het risico.
Geeft u borstvoeding?
Informeer uw arts of u borstvoeding geeft, want hij/zij kan dan besluiten om het onderzoek uit te stellen. Als toediening moet plaatsvinden tijdens de borstvoedingsperiode, krijgt u het advies om tevoren moedermelk af te kolven voor later gebruik. U kan de borstvoeding ook tijdelijk vervangen door flesvoeding. Na de injectie mag u gedurende 12 uur geen borstvoeding geven en de moedermelk die u in deze tijd produceert, moet worden afgekolfd en weggegooid. Het hervatten van de borstvoeding dient te geschieden in overleg met de nucleaire geneeskundige die het onderzoek begeleidt.
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige voordat u dit geneesmiddel krijgt toegediend.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Fludeoxyglucose (18F) CNW heeft voor zover bekend geen invloed op uw vermogen om auto te rijden en machines te gebruiken.
Fludeoxyglucose (18F) CNW bevat natrium
Dit geneesmiddel bevat maximaal 40 mg natrium per injectie. Voorzichtigheid is geboden bij patiënten met een gecontroleerd natriumdieet.
Hoe wordt Fludeoxyglucose (18F) CNW 100 - 400 MBq, oplossing voor injectie in een voorgevulde spuit gebruikt?
Er is strikte wetgeving voor het gebruiken, hanteren en weggooien van radiofarmaceutische producten. Fludeoxyglucose (18F) CNW wordt alleen in een ziekenhuis gebruikt in speciale, gecontroleerde ruimtes. Dit product wordt alleen gehanteerd en aan u toegediend door mensen die opgeleid en gekwalificeerd zijn om het veilig te gebruiken. Deze personen zullen speciale voorzorgen nemen voor het veilig gebruiken van dit product en zullen u op de hoogte houden van wat zij doen.
Uw nucleair geneeskundige zal bepalen welke hoeveelheid Fludeoxyglucose (18F) CNW u krijgt toegediend. Dit zal de laagste hoeveelheid zijn die nodig is om een scan van goede kwaliteit te verkrijgen die de vereiste informatie oplevert. Volwassenen krijgen meestal tussen 100 tot 400 MBq toegediend en deze dosis is afhankelijk van de lichaamsmassa, het type camera dat wordt gebruikt voor het opnemen van de beelden en de manier van beeldopname (MBq = Megabecquerel, de eenheid waarin radioactiviteit wordt gemeten).
Gebruik bij kinderen
In het geval van toediening aan kinderen zal een lagere activiteit gebruikt worden overeenkomstig het lichaamsgewicht van het kind.
Toediening van Fludeoxyglucose (18F) CNW en uitvoering en duur van de procedure
Fludeoxyglucose (18F) CNW wordt door middel van een injectie in een ader gegeven. Eén injectie is voldoende om de test te kunnen uitvoeren.
Na toediening mag u vóór het onderzoek zich niet lichamelijk inspannen. U zult dan het advies krijgen om rustig te gaan liggen, zonder te praten of lezen. U krijgt ook wat te drinken en er wordt u gevraagd te plassen direct voordat de procedure wordt uitgevoerd.
Uw nucleair geneeskundige zal u vertellen hoe lang de procedure meestal duurt. De scan zal ongeveer 45 minuten tot 1 uur na de injectie worden gemaakt. De camera zelf doet er ongeveer 30 – 60 minuten over om de beelden te maken.
Nadat Fludeoxyglucose (18F) CNW is toegediend, moet u:
nauw contact met jonge kinderen en zwangere vrouwen gedurende de 12 uur na de injectie vermijden
- vaak plassen om het product uit uw lichaam te verwijderen
Heeft u meer van dit middel toegediend gekregen dan noodzakelijk?
Aangezien Fludeoxyglucose (18F) CNW in een enkele dosis door een arts onder streng gecontroleerde condities zal worden toegediend, is het zeer onwaarschijnlijk dat u te veel zult krijgen. Als dit echter onverhoopt toch gebeurt, zal u gevraagd worden om veel te drinken om de actieve stof fludeoxyglucose uit uw lichaam te helpen verwijderen (de belangrijkste weg waarlangs dit middel wordt uitgescheiden, is inderdaad via de urine).
Als u nog vragen heeft over het gebruik van dit geneesmiddel, vraag dan uw arts of specialist in de nucleaire geneeskunde.
Advertentie
Wat zijn de bijwerkingen van Fludeoxyglucose (18F) CNW 100 - 400 MBq, oplossing voor injectie in een voorgevulde spuit?
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.
De actieve stof in Fludeoxyglucose (18F) CNW veroorzaakt slechts een kleine hoeveelheid radioactieve straling in uw lichaam. Het risico op kanker of erfelijke afwijkingen als gevolg hiervan is uitermate klein. Uw arts zal het onderzoek alleen verrichten als hij/zij van mening is dat het mogelijke voordeel van het onderzoek opweegt tegen het risico van het onderzoek.
Tot dusver zijn er nog geen bijwerkingen van Fludeoxyglucose (18F) CNW gemeld.
Het melden van bijwerkingen
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of de specialist in de nucleaire geneeskunde die het onderzoek heeft verricht. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website: www.lareb.nl.
Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.
Hoe bewaart u Fludeoxyglucose (18F) CNW 100 - 400 MBq, oplossing voor injectie in een voorgevulde spuit?
U hoeft dit geneesmiddel niet te bewaren. Bewaring tot aan het moment van toediening vindt plaats in een hiervoor geschikte ruimte, en onder verantwoordelijkheid van het daartoe opgeleide personeel van het centrum voor nucleaire geneeskunde waar dit onderzoek wordt gedaan. Bewaring van radiofarmaceutische producten gebeurt in overeenstemming met landelijke regelgeving met betrekking tot radioactief materiaal.
De volgende informatie is uitsluitend voor de specialist bestemd:
- De op het etiket vermelde dosis geldt alleen voor het opgegeven toedientijdstip. De spuit kan echter wel gebruikt worden tot het op het etiket vermelde expiratietijdstip (achter “Exp”) indien, bijvoorbeeld voor een andere patiënt, een lagere dosis volstaat op een later tijdstip.
- Bewaren beneden 25° C. Niet in de vriezer bewaren.
- Alleen heldere oplossingen waar geen zichtbare partikels in aanwezig zijn, mogen worden gebruikt.
6. Inhoud van de verpakking en overige informatie
Welke stoffen zitten er in dit middel?
De werkzame stof in dit middel is fludeoxyglucose. Elke ml oplossing voor injectie bevat 22,2 -88,9 MBq (MBq = Megabecquerel, de eenheid waarin radioactiviteit wordt gemeten) fludeoxyglucose op het tijdstip en de datum van toediening.
De andere stoffen in dit middel zijn: natriumchloride, water voor injecties.
Hoe ziet Fludeoxyglucose (18F) CNW er uit en wat is de inhoud van de verpakking?
Fludeoxyglucose (18F) CNW is een heldere tot lichtgele oplossing in een plastic injectiespuit die is verpakt in een wolfraam wisselcontainer voor bescherming tegen de ioniserende straling van het radioactieve geneesmiddel.
De verpakking bevat een 5 ml injectiespuit voor eenmalig gebruik. De injectiespuit bevat 4,5 ml oplossing, overeenkomende met 100 - 400 MBq Fludeoxyglucose (18F) CNW op het tijdstip van kalibratie (= afgesproken tijdstip van de toediening).
Verpakkingsgrootte: 1 injectiespuit
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen
Cyclotron Noordwest B.V. Wilhelminalaan 12
1815 JD Alkmaar
Tel: 088-0857356
Email: cyclotron@nwz.nl
Fabrikant
Cyclotron Noordwest B.V.
Wilhelminalaan 12
1815 JD Alkmaar
In het register ingeschreven onder:
RVG 115336
Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in maart 2024.
Andere informatiebronnen
Meer informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van College ter Boordeling van Geneesmiddelen.
Redactionele principes
Alle informatie is afkomstig van gecontroleerde bronnen (erkende instellingen, specialisten, studies van gerenommeerde universiteiten). Wij hechten veel waarde aan de kwalificatie van de auteurs en de wetenschappelijke onderbouwing van de informatie.


